Naar de content

Van gamewoord tot gewone taal

Hoe gametermen zoals NPC, noob en eindbaas doordringen in het Nederlands

Vanni Soru voor NEMO Kennislink

Woorden uit games verdwijnen vaak net zo snel als ze opkomen. Maar soms krijgt een term zoals NPC een nieuw leven buiten de gamewereld. Hoe wordt een gamewoord gewone taal?

30 juni 2026

“Don’t be an NPC” luidt het levensadvies van TikTok-zelfhulpinfluencers en anonieme gebruikers op Reddit die hun sociale skills willen verbeteren. Een raar advies, leek mij: een NPC (non-playable character) is per definitie een computer-gegenereerd, niet-bestaand persoon. Het zijn vaak nietszeggende figuren, bedoeld om een game aan te kleden, een soort figuranten. Hoogstens heeft-ie een quest voor je.

Wat blijkt: de term NPC is een leven gaan leiden buiten de gamewereld. Dat begon in 2018, met name online, als een soort scheldwoord voor iemand die net zo’n nietszeggend bestaan leidt als de game-versie van een NPC. Als iemand die in de wereld van andere main characters een weinig betekenisvol bestaan leidt, zonder eigen mening of identiteit.

Download hier het gratis Gamewoordenboek: Van noob naar pro (PDF), met ruim 300 gametermen en betekenissen.

Vanuit daar brak NPC door naar andere media: Engelse singer-songwriter Cavetown schreef er een liedje over en Ryan Reynolds speelt in de film Free Guy een NPC die losbreekt van z’n geprogrammeerde routines. Ook in het Nederlands waarschuwt een docent zijn leerlingen om geen NPC te zijn en schrijven digitaal-savvy columnisten voor nietswetende lezers wat het betekent als jongeren hen zo noemen.

Sommige boomers zullen wellicht gruwelen van alleen deze inleiding al, maar doorgaans verdwijnen nieuwe woorden na een korte hypecycle. Heel soms blijft er eentje hangen. Waarom NPC wel, en r0flc0pt3rz niet? Wat maakt dat een woord inburgert in het Nederland?

Een tienermeisje kijkt glimlachend naar haar telefoon, om haar heen zitten ook jongeren op hun telefoon.

Social media spelen een belangrijke rol in de snelle verspreiding van gamewoorden.

syda_productions, via Magnific.com

De ontstaansgeschiedenis van NPC

In gesproken taal is NPC weliswaar vrij nieuw, maar het woord NPC bestaat al veel langer in zijn originele vertaalde vorm, als beschrijving van een karakter in een spel dat je niet als speler kan besturen. In de jaren zeventig, dus ver voor de videogame zelfs, dook de term voor het eerst op in de speelgids van Dungeons & Dragons, een rollenspel waarbij de spelleider soms karakters in het leven riep die spelers in de vertelling tegen konden komen: de NPC was geboren.

Snelle verspreiding van gamewoorden

Dat gamewoorden zich sneller verspreiden dan vroeger komt vooral door sociale media, zegt taal- en communicatiewetenschapper Lieke Verheijen, die aan de Radboud Universiteit onderzoek doet naar jongerentaal: “In de vorige eeuw was er ook al gamertaal en jongerentaal maar dat verspreidde zich niet zo snel. Het contact tussen groepen was beperkter, en over afstand met name in tekst. Nu is het ook verbaal: TikTok, Snapchat en Instagram Reels zijn allemaal video’s.”

Verheijen denkt dat de dynamieken van sociale media heel geschikt zijn om nieuwe taal snel te laten verspreiden als trend – een soort viraliteit, dus. “En als het dan ook nog door de mainstream media wordt gebruikt, bijvoorbeeld door Ryan Reynolds in Free Guy, dan gaat het helemaal snel.”

Gamewoorden met een nieuwe betekenis

Dat NPC zich inmiddels wel heeft verspreid buiten de gamesfeer komt deels omdat het een nieuwe betekenis gekregen die het voorheen nog niet had, denkt taalkundige Vivien Waszink. De meeste gamertaal blijft heel erg specifiek voor de setting waarin het ontstaat en doorbreken gebeurt pas als er bijvoorbeeld een metafoor mee verzonnen kan worden, zegt ze. Zoals met NPC, of eindbaas: iemand die ergens heel goed in is of op een andere manier exceptioneel is. “Inmiddels klinkt eindbaas alweer een beetje boomerachtig.”

“Metaforen zijn handig omdat je je iets veel beter voor kunt stellen, je kunt er echt een bepaald beeld aan verbinden”, zegt Waszink. Andere voorbeelden hiervan zijn bijvoorbeeld sporttermen: een balletje opgooien, uit de startblokken schieten of de lat hoger leggen. Ook mensen die nog nooit een polsstok hebben aangeraakt of getennist hebben zullen die termen wel eens gebruiken. Waszink wijst op het kantoor als een belangrijke plek waar dit soort taal ontwikkelt: “Kantoren, vergaderen, het zijn allemaal nogal saaiige dingen. Nieuwe taal uit sport kan het dan dynamischer laten lijken: een balletje opgooien, een meeting inschieten, maar ook taal uit fysiek werk op het platteland: doorakkeren, doorploegen, dat soort dingen.”

Metaforen uit de sportwereld kunnen gebeurtenissen in het kantoorleven dynamischer laten klinken, zoals: een meeting inschieten.

Freepik, peoplecreations

Gamewoordenboek

Waszink werkt als woordenboekmaker bij het Instituut voor de Nederlandse Taal, waar ze samen met collega’s het Gamewoordenboek opstelde, een lijst van pakweg 30 pagina’s met allerlei gamerwoorden met betekenissen. Een bijzondere ervaring voor zelfbenoemd ‘gamerboomer’ Waszink: “Er gaat een wereld voor me open! Ik kende eigenlijk bijna niks, dus voor mij was het heel verrassend dat gamers zoveel unieke woorden gebruiken.”

Andere taalkundigen waarmee Waszink samen aan het boekje werkt zitten beter in de materie, zoals Dalí Chirino. Voor hem zijn de woorden een stuk bekender, al zitten er ook voor hem nog verrassingen tussen: “Ik speel vooral singleplayer games, maar mijn broertje bijvoorbeeld is wat jonger en speelt vooral tegen en met z’n vrienden. Dat is een hele andere cultuur, dus ik heb ook veel woorden uit het boekje van hem.”

Van noob naar pro

AFK, DLC, GG, looten, farmen en unlocken. Geen idee wat die woorden betekenen? Geen zorgen: met het Gamewoordenboek praat je zo mee met je gamende kind, broer of buurvrouw. Ook interessant voor pro’s! Hier krijg je alvast een voorproefje! 

Download gratis het Gamewoordenboek Van noob naar pro (PDF) met ruim 300 termen.

Vanni Soru voor NEMO Kennislink
AFK

Verkort uit Engels away from keyboard; boodschap dat een gamer even weg is uit het spel. Komt ook voor als werkwoord afk’en. Afk’en doet een gamer vooral als hij het spel bij afwezigheid aan laat staan om op die manier iets te verwerven zonder moeite te doen.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
co-op

Spelmodus of computerspelgenre waarin twee spelers samenwerken om een doel te bereiken in plaats van tegen elkaar te strijden. Een verkorting van Engels co-operative. In een lokale co-op speel je samen op één computer met een eigen controller. In een online co-op speel je op verschillende computers.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
easter egg

Nederlands ‘paasei’; vaak subtiele verborgen boodschap/verwijzing of grap binnen een spel, die er bewust in gestopt is door de ontwikkelaars. Wist je dat er in de tentoonstelling Game On van NEMO Science Museum ook easter eggs verstopt zijn? Als je de QR-codes scant, kom je nog meer te weten over gamen.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
eindbaas

Grote vijand aan het einde van een spel, vaak de leider van de vijanden of een belangrijk vijandig computergestuurd personage (NPC), dat moet worden verslagen als  laatste uitdaging voor het voltooien van het verhaal. Het woord eindbaas wordt inmiddels ook algemener gebruikt.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
F

Verkorting van de uitdrukking press F to pay respects, uitroep om sympathie te betuigen als er iets onfortuinlijks gebeurt. De verkorting  is eigenlijk afkomstig uit het spel Call of Duty: Advanced Warfare. Daar is de F-toets (op een pc) de standaardtoets om interactie aan te gaan met een object.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
GLHF

Verkorting van Engels good luck have fun; gelukswens die gamers onderling gebruiken om het spel op een sportieve manier te starten. Ook de afkorting GL voor good luck wordt veel gebruikt. Om een een game af te sluiten wordt vaak de term GG gebruikt, een verkorting van good game

Studio MAST voor NEMO Kennislink
GOAT

Verkorting van Engels greatest of all time; de beste aller tijden. Het woord GOAT wordt niet alleen in gaming gebruikt maar ook in de sportwereld en op sociale media. De term bestaat al sinds de jaren 90 van de vorige eeuw toen de vrouw van bokser Muhammad Ali G.O.A.T. Inc oprichtte.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
griefen

Kwaadwillig het spel van andere spelers verstoren, bijvoorbeeld door diefstal, vernieling of het herhaaldelijk doden van spelpersonages; ergernis (blijven) veroorzaken (bij andere gamers). Ook het woord griefer ‘iemand die grieft’ wordt gebruikt. 

Download het gratis Gamewoordenboek Van noob naar pro (PDF) met ruim 300 termen.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
HP

Verkorting van Engels hit points (of health points), soms ook wel levenspunten genoemd; waarde die de gezondheid van een personage uitdrukt, en die aangeeft  hoeveelheid schade het spelpersonage kan verdragen voordat het wordt uitgeschakeld in het spel; levenswaarde.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
indie-game

Ook wel verkort tot indie; game ontwikkeld door een onafhankelijke gamestudio, vaak zonder steun van grote game-uitgevers en met een relatief klein budget, in tegenstelling tot AAA-games. Indie is verkort uit Engels independent. Bekende indiegames zijn Among Us, Hollow Knight en Celeste.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
loot

Nederlands ‘buit’; verzameling voorwerpen, vaardigheden, etc. die een gamer kan verzamelen in de game. Een lootbox is een virtueel voorwerp waaruit spelers, vaak tegen betaling, een (semi)willekeurige verzameling loot kunnen krijgen, als een soort schatkist.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
nerf

Vermindering van de effectiviteit van bepaalde spelelementen, bijvoorbeeld een vaardigheid of voorwerp die ontwikkelaars hebben ingevoerd om de balans in een spel  te herstellen (balancing). Ook het werkwoord nerfen wordt gebruikt. 

Studio MAST voor NEMO Kennislink
noob

Iemand die een nieuwkomer is in de gamewereld of (nog) niet zo goed is. Het woord komt van Engels newbie. Noob, ook wel geschreven als n00b of newb, wordt  inmiddels ook algemener gebruikt voor iemand die ergens pas net mee begonnen is.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
NPC

Verkort uit Engels non-playable character of non-player character; computergestuurd personage, dat soms ook volgens geprogrammeerde scripts gesprekken kan  voeren of relaties kan onderhouden met het spelpersonage dat bestuurd wordt door de gamer (PC). NPC wordt ook in jongerentaal gebruikt.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
open world

Grote maar meestal begrensde spelwereld die vrij te ontdekken is en waarin een speler doelen in een niet vooraf vastgelegde volgorde (dus bijvoorbeeld niet binnen een level) kan behalen. Ook wel: free roam genoemd. Bekende voorbeelden van  openwereldspellen zijn Grand Theft Auto V en Minecraft.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
power-up

Voorwerp dat of vaardigheid die een spelpersonage (tijdelijk) verbetert, bijvoorbeeld de paddenstoel in Super Mario-spellen. Na het oppakken daarvan wordt Mario tijdelijk groter en sterker. In schietspellen zoals first-person-shooters (FPS’s) kunnen power-ups bijvoorbeeld schade aan de tegenstander verdubbelen.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
respawnen

Het opnieuw verschijnen in een spel na verslagen of gedood te zijn. Ook het zelfstandig naamwoord respawn wordt gebruikt voor de plek waar een gamepersonage weer  opnieuw in het spel komt nadat hij is doodgegaan. Als een gamer een level niet haalt, kan hij ook respawnen bij het laatste save point.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
roguelike

Gametype waarbij de speler steeds het spel opnieuw moet beginnen in een willekeurig gegenereerde spelwereld wanneer het hoofdpersonage sterft. Zo’n spel wordt roguelike ‘rogue-achtig’ genoemd omdat het gebaseerd is op de gameklassieker Rogue uit 1980, het eerste spel van dit type. 

Studio MAST voor NEMO Kennislink
speedrun

Poging om een spel zo snel mogelijk uit te spelen. Speedruns zijn onder te verdelen in categorieën, zoals any% (daarbij probeert een gamer zo snel mogelijk het einde van een spel te bereiken), 100% (een gamer probeert het spel zo snel mogelijk uit te spelen en alles te doen/verzamelen) en glitchless (zonder glitches).

Studio MAST voor NEMO Kennislink
WP

verkorting van Engels well played ‘goed gespeeld’; sportieve uitroep aan medespelers na een multiplayerspel of speelronde.

Studio MAST voor NEMO Kennislink
Download het woordenboek

Videogames zijn niet meer weg te denken uit onze maatschappij. Ze hebben hun eigen werelden, regels én taal. Daarom maakten het Instituut voor de Nederlandse Taal en NEMO Kennislink samen het gratis Gamewoordenboek.

Vanni Vanu voor NEMO Kennislink
Samenwerking

Het gamewoordenboek is tot stand gekomen als samenwerking tussen NEMO Kennislink en het Instituut voor de Nederlandse Taal (INT). Het INT is een wetenschappelijk instituut dat alle aspecten van de Nederlandse taal bestudeert, waaronder de woordenschat, grammatica en taalvariatie. 

NEMO Kennislink

Waszink legt uit hoe nieuwe woorden een lange route doorlopen, voordat ze in een écht woordenboek terechtkomen: eerst in een specifieke lijst van woorden uit een bepaalde subcultuur zoals zo’n themawoordenboekje en dan in het Woordenboek voor Nieuwe Woorden, waar Waszink ook aan meewerkt. “Je moet zo’n woord een tijdje in de gaten houden, om te kijken of bijvoorbeeld de betekenis wordt uitgebreid en het buiten de gamercontext wordt gebruikt, zoals NPC.” Als het vaker voorkomt en in verschillende context, is de kans groter dat het op een gegeven moment in de Van Dale belandt.

Engelse woorden

In het gamewoordenboekje staan opvallend veel Engelse woorden die lang niet allemaal een nieuwe betekenis krijgen, zoals killen of joinen. Aan de Nederlandse werkwoordsuitgang kun je zien dat die woorden goed zijn ingeburgerd, zegt Waszink. 

Het lijkt misschien overbodig om Engelse woorden te gebruiken voor woorden die in het Nederlands al bestaan. Maar volgens Verheijen is het juist kenmerkend voor jongerentaal om in verschillende contexten verschillende woorden te gebruiken. Uit haar onderzoek blijkt dat het je Nederlands niet slechter maakt. Ze noemt het een vorm van meertaligheid, net als mensen die naast Nederlands een dialect spreken. Die kunnen die talen doorgaans prima uit elkaar halen en weten goed op welk moment welke taal gepast is. “Sterker nog, meertaligheid is goed voor je cognitieve vaardigheden.”

Gamende jongeren: jongerentaal en gametermen in verschillende contexten

Jongeren gebruiken vaak verschillende woorden in verschillende situaties.

Magnific, freepik

Net als bij meertaligheid kunnen jongeren doorgaans goed inschatten in welke context ze welk woord kunnen gebruiken, dus de kans is klein dat je in een Nederlands examen opeens woorden als NPC tegenkomt. Chirino: “Gebruik van eigen taal geeft ook een groepsgevoel bij jongeren. Daarmee onderscheiden ze zich van de oudere generatie.” Dat is ook het grootste risico voor populaire woorden onder jongeren, volgens Chirino: “Als het op Facebook staat, is het klaar. Dan kennen oudere mensen het ook, en dan is het niet leuk meer.”

Gamewoorden worden dus gewone taal als ze een nieuwe betekenis krijgen buiten de gamewereld. Ze moeten breed worden opgepikt via sociale media en mainstreamcultuur. En lang genoeg blijven hangen om de weg naar het woordenboek te vinden.

Bronnen