Als Donald Trump zijn zin niet krijgt, dreigt hij met heffingen. Landen die niet doen wat hij wil, legt hij hogere importtarieven op. De president gebruikt handel als wapen. Is dat een nieuwe uitvinding? En werkt het?
Toen in januari bekend werd dat Nederland twee militairen naar Groenland zou sturen, besloot Trump om ons te straffen. Hij legde Nederland een importheffing van tien procent op. Want poldersoldaten op Groenland, dat ziet hij niet zitten. Door de maatregel zou een Amerikaan in de supermarkt meer moeten betalen voor een pakje Old Amsterdam. Met als gevolg dat de Amerikanen misschien wel kaas uit de VS zullen kopen in plaats van Nederlandse kaas. Zo, dat zal ons leren. Ook andere landen die meedoen aan de militaire oefening in Groenland kregen een heffing opgelegd. Wijn uit Frankrijk en bier uit Duitsland zouden duurder worden in de VS.
Na een paar gesprekken trok Trump zijn handelsoorlog in. Amerikanen kunnen gewoon kaas blijven kopen. Lekker voor bij dat wijntje. Nieuw is het niet om handel te gebruiken om je zin te krijgen. Toen Rusland in 2022 Oekraïne aanviel, waren landen het al snel eens: de handel met Rusland moest stevig worden ingeperkt. Maar de creativiteit waarmee Trump handel inzet als straf, dat is toch even andere koek. Deze week verscheen het boek ‘Handel als wapen’. Steven Brakman, Tristan Kohl en Charles van Marrewijk laten zien hoe landen handel steeds vaker inzetten als wapen. Werkt het? Vijf vragen aan Van Marrewijk, hoogleraar internationale macro-economie aan de Universiteit Utrecht.

