Of je nou een middeleeuwse dagloner was, een vroegmoderne edelvrouw of een hedendaagse kantoormedewerker: iedereen moet slapen. Toch zag slaap er niet altijd hetzelfde uit. Hoe sliepen mensen vroeger?
Wie tegenwoordig om middernacht wakker wordt, zal zich waarschijnlijk vloekend omdraaien en zo snel mogelijk proberen de slaap weer te vatten. Driehonderd jaar geleden lag dit anders en had middernachtelijk waken zelfs de voorkeur, aldus de theorie van de Amerikaanse historicus Robert Ekirch.
Ekirch stelt dat mensen vóór het industriële tijdperk in twee delen sliepen. De eerste slaap begon vlak na zonsondergang. Rond middernacht ontwaakten mensen om te bidden, lezen, praten of vrijen, daarna vielen ze weer in een tweede slaap tot zonsopkomst. Pas vanaf de late 17e eeuw kwam er verandering in dit gesegmenteerde slaappatroon, door de opkomst van kunstlicht, verstedelijking en industriële werktijden. (Straat)verlichting zorgde ervoor dat mensen langer konden opblijven en gestandaardiseerde werktijden in fabrieken maakten een zo efficiënt mogelijk slaappatroon noodzakelijk. Volgens Ekirch is onze aaneengesloten nachtrust dus een relatief recent verschijnsel.
Slapende Antwerpenaren
Historicus Gerrit Verhoeven was benieuwd of hij dit slaappatroon terug kon vinden bij de vroegmoderne Antwerpenaar. Hij maakte daarvoor gebruik van bijna vierhonderd zeventiende- en achttiende-eeuwse juridische dossiers van de Antwerpse Hoge Vierschaar, de lokale strafrechtbank voor zware misdrijven. Bij een veroordeling ging men niet over één nacht ijs, vertelt Verhoeven. “Die onderzoeksrechters riepen allerlei getuigen op, die vervolgens vertelden wat ze op de dag van de misdaad aan het doen waren. Hierdoor heb je veel aanknopingspunten om te zien hoe een doorsnee dag of nacht eruitzag.”
“De conclusie van mijn onderzoek is saaier dan die van Ekirch”, waarschuwt Verhoeven. Het slaappatroon van de vroegmoderne Antwerpenaar kende geen twee fasen, maar lijkt erg op dat van de moderne mens; de slaapduur was hoogstens wat korter. “Mensen gingen rond tien of elf uur naar bed en stonden tussen vijf en zes op. Dat betekent dat ze zeven uur slaap per nacht hadden. Als je dan ook nog midden in de nacht anderhalf uur wakker moet zijn, dan blijft er heel weinig slaap over.” Volgens Ekirch deden mensen daarom overdag een powernap om de middernachtelijke pauze te compenseren, maar ook dat bleek niet het geval te zijn in Verhoevens bronnen. “Alleen mensen van zestig jaar of ouder deden regelmatig een dutje.”

Hoewel de Amerikaanse historicus Robert Ekirch vermoedde dat mensen hun nacht vroeger opbraken, heeft historicus Gerrit Verhoeven hier geen bewijs voor gevonden bij Antwerpenaren.
Reynaldo Yodia, via Pexels.comWat vond Verhoeven verder in de getuigenverklaringen over slaappatronen? “Mensen rapporteerden nooit over twee fasen, of over de activiteiten die ze tussen de slaapmomenten zouden doen. Er zijn wel mensen die wakker werden om bijvoorbeeld naar het toilet te gaan of iets te drinken, maar die kropen daarna meteen terug in bed.” Hoe het slaappatroon eruitzag was deels afhankelijk van klasse en seizoen. “In de winter sliepen mensen vaak een half uur langer. Bij de elites of juist de echt arme mensen zonder vast werk zie je dat mensen later naar bed gingen: rond een uur of twaalf, of één. Zij sliepen uit tot acht uur.”
De historische slaapkamer
Het slaappatroon van de achttiende-eeuwse inwoner van de Lage Landen zag er dus waarschijnlijk niet heel anders uit dan tegenwoordig. Maar hoe zag de slaapplek eruit van mensen door de eeuwen heen? Met deze vraag houdt architectuurhistorica Miara Fraikin zich bezig. “Een aparte kamer hebben om te slapen is een relatief modern verschijnsel dat pas vanaf het begin van de veertiende eeuw opkwam in Europese hoven”, vertelt ze. “Lang was het hebben van een kamer voor jezelf alleen voor de mensen uit de hoogste sociale posities beschikbaar, want ruimte was kostbaar. Mensen sliepen in een bedstee of een multifunctionele ruimte, zoals de keuken.”
Zelfs slapen in een bed was in de middeleeuwen niet aan iedereen voorbehouden. “Mensen konden op blokken stro slapen of ze maakten een soort matras door in een stoffen zak veren en andere spullen te doen. Mensen met een hogere sociale status konden een houten bed met een matras hebben. De elite sliep rond 1400 in een hemelbed. De stoffen om en boven het bed creëerden privacy, en zorgden er tegelijkertijd voor dat er geen viezigheid van het plafond op je bed kon vallen.”
— Miara FraikinEen aparte kamer hebben om te slapen is een relatief modern verschijnsel
Als een huishouden zich al een bed kon veroorloven, dan was dat er vaak maar één, dat in de hoek van de woonkamer stond. De hele familie lag bij elkaar in bed. Eén bed was niet alleen goedkoper, maar zorgde er ook voor dat iedereen warm bleef. Een gedeeld bed was ook in andere contexten normaler dan tegenwoordig. “Stel je zou overnachten in een andere stad, dan huurde je daar geen losse kamer, maar een bed dat je deelde met vreemden”, vertelt Fraikin.
Ceremoniële bedkamers
Fraikin gebruikt in haar onderzoek bewust de term ‘bedkamer’ in plaats van ‘slaapkamer’. De ruimte waar een bed stond was namelijk niet exclusief de plek waar men sliep; het kon ook een ceremoniële functie hebben. Dat komt voort uit de originele indeling van een middeleeuws kasteel, waarbij de ontvangstzaal een publieke ruimte was die voor veel mensen toegankelijk was, terwijl de bedkamer privacy bood. “Voor meer exclusieve gesprekken ging men naar deze afgesloten ruimte. Belangrijke gesprekken en politieke besluitvorming vonden dus meestal in deze kamer plaats”, legt Fraikin uit.
Uiteindelijk kwamen er zelfs bedkamers die uitsluitend ceremonieel van aard waren, voornamelijk aan het Franse hof. Zonnekoning Lodewijk XIV spande de kroon, vertelt Fraikin. “Hij ging in zijn bedkamer ceremonieel slapen, ontving er mensen en stond er ceremonieel weer op, maar hij sliep eigenlijk ergens anders – waarschijnlijk bij zijn vrouw. De bedkamer had geen enkele praktische functie meer.”

De bedkamer van Lodewijk XIV werd niet gebruikt om in te slapen, maar alleen om ceremonies uit te voeren en belangrijke gasten te ontvangen.
Publiek domein, via Wikimedia CommonsHoe zag zo’n ceremoniële avondroutine van de Zonnekoning eruit? “De koning bevond zich achter een balustrade en aan de andere kant daarvan stonden genodigden te kijken hoe de koning bad, hoe zijn pruik werd afgezet en werd omgewisseld voor een andere pruik, hoe er eten en drinken werd klaargezet naast het bed en hoe hij een pyjama aangetrokken kreeg. Nadat hij een kaars kreeg en hij in bed lag, gingen de gordijnen dicht en dan moest iedereen weg. De koning ging vervolgens ergens anders slapen”, legt Fraikin uit.
Deze show was niet alleen geboren uit ijdelheid, maar was ook een vorm van machtspolitiek, aldus Fraikin. “In veel Europese hoven hadden slechts enkele uitverkorenen toegang tot de kamer van de koning. Daardoor konden zij grote invloed uitoefenen en een vorm van macht monopoliseren. Lodewijk XIV wilde dat voorkomen. Door juist heel veel mensen toe te laten tot zijn kamer, ontnam hij hun die exclusieve positie.” Zelfs vanuit zijn bed speelde de Zonnekoning dus politieke spelletjes.
Alledaags mysterie
Hoewel er veel bekend is over de uitgebreide avond- en ochtendroutines van Lodewijk XIV, weten we nauwelijks iets over zijn private slaapkamer. Een menselijke gewoonte als slapen hoorde immers niet bij een ‘goddelijke’ koning. Van dit gat in onze kennis is niet alleen bij Lodwijk XIV sprake, maar bij onze kennis over slaapgewoonten in het algemeen, merken zowel Fraikin als Verhoeven. Mensen vonden slapen blijkbaar zó alledaags dat ze het niet nodig vonden om over te rapporteren, ondanks dat het gemiddeld één derde een mensenleven beslaat.
De dingen die we weten, komen vaak uit bronnen die spreken over het uitblijven van slaap of verstoring van de nachtrust. Net als tegenwoordig lagen mensen soms ’s nachts urenlang te malen, en schreven daar vervolgens over in hun dagboek. Of ze hadden last van dronken feestgangers op straat en klaagden daarover in de rechtbank. Zo blijkt maar weer: hoe groot de verschillen met het verleden ook zijn, slapeloze nachten zijn universeel.










