Slavernij is in Nederland ruim 150 jaar geleden afgeschaft. Toch komt het nog steeds vrij voor, moderne slavernij welteverstaan. Naar schatting zijn duizenden mensen hier slachtoffer van.
Afgelopen december veroordeelde de rechter een Brabantse man en vrouw tot een gevangenisstraf, omdat ze een Thaise vrouw seksueel hadden uitgebuit. De Thaise was gelokt met een advertentie en zou in één dag een maandsalaris verdienen, dat ze wilde delen met haar moeder en kinderen. Het blijkt te mooi om waar te zijn. Een ‘agency’ dat haar toeristenvisum regelde moest ze 11.000 euro betalen en volgens haar advertentie was ze 24/7 beschikbaar voor sekswerk. De Brabantse man liet haar betalen voor huur, benzine en schoonmaak. Daarnaast eiste ook de vrouw een flink deel van de inkomsten op, volgens het slachtoffer onder druk. Volgens Justitie zou het gaan om ‘moderne slavernij’.
Wat is moderne slavernij eigenlijk? Waar komt het voor en wat kunnen we ertegen doen? Masja van Meeteren, hoogleraar criminologie aan de Radboud Universiteit, deed onderzoek naar de aanpak van moderne slavernij en naar daders van arbeidsuitbuiting.
Dwang en machtsmisbruik
Moderne slavernij definiëren is lastig, vertelt ze. Dat komt mede doordat moderne slavernij in Nederland, anders dan in bijvoorbeeld het Verenigd Koninkrijk, niet apart strafbaar wordt gesteld. De praktijken die horen bij moderne slavernij worden in Nederland strafbaar gesteld in het wetboek van strafrecht, onder een artikel over mensenhandel, zo legt ze uit.
Moderne slavernij is dus niet zozeer een juridisch begrip, maar meer een overkoepelend begrip dat gebruikt wordt in de bijvoorbeeld de wetenschap en door de Arbeidsinspectie. De International Labour Organization omschrijft moderne slavernij als ‘situaties van uitbuiting die een persoon niet kan weigeren of niet kan verlaten wegens bedreigingen, geweld, dwang, misleiding of machtsmisbruik’. “Volgens de laatste schattingen gaat het in Nederland om zo’n vijfduizend mensen die als moderne slaven worden gezien”, aldus Van Meeteren.
Ongeveer de helft van de Nederlandse gevallen betreft arbeidsuitbuiting en de andere helft seksuele uitbuiting, gaat de Nijmeegse hoogleraar verder. Daarnaast zijn er nog wat kleine restcategorieën. “Een voorbeeld daarvan is dat mensen met schulden thuis een wietplantage moeten starten van een schuldeiser, waarna zij in de greep raken van een crimineel netwerk.”
Van Meeteren laat in haar onderzoek zien dat het bij arbeidsuitbuiting lang niet altijd gaat om geraffineerde criminele netwerken. Het gebeurt ook veel in kleine bedrijven, zoals familiebedrijven. Daarnaast is er soms een-op-een-uitbuiting, met vaak een psychologische component. Dat komt voor binnen families of tussen vrienden. “Iemand is dan afhankelijk van een ander, bijvoorbeeld voor eten, vriendschap of een dak boven het hoofd. Dat geeft die ander macht.”
Oud en modern
Moderne slavernij verschilt wezenlijk van de slavernij waarover je leest in de geschiedenisboeken, legt de Nijmeegse wetenschapper uit. De oude of koloniale slavernij was grootschaliger en werd meer door staten gelegitimeerd. Slavernij was destijds onderdeel van het systeem en het was wettelijk toegestaan slaven te verhandelen. Het was ook heel geconcentreerde arbeid: een groot aantal mensen werkte op plantages.
— Masja van Meeteren
Bij moderne slavernij gaat het in Nederland bijna nooit om eigendom, maar om uitbuiting. De moderne slavernij is ook meer divers, in die zin dat het op meer verschillende plekken voorkomt. En de mensen worden niet meer getransporteerd, maar komen doorgaans vrijwillig ergens naartoe om te werken, vertelt Van Meeteren. “Toch zijn er wel voorbeelden die aan vroeger doen denken en lijken op lijfeigenschap. Zoals in de au-pair-industrie. Daar zijn gevallen bekend van arbeidsmigranten die nauwelijks naar buiten mochten en altijd klaar moesten staan.” De Filipijnse overheid heeft vanwege deze misstanden onlangs besloten tijdelijk geen au-pairs meer in Nederland aan het werk te laten.
Kwetsbare mensen
Moderne slavernij komt veel voor in sectoren met lage lonen, weinig technologie en waar veel arbeid nodig is. Zoals in de land- en tuinbouw. “Er zijn ook zaken geweest met mensenhandel op binnenvaartschepen, bijvoorbeeld met Filipijnse matrozen. Andere sectoren zijn schoonmaak en horeca. De concurrentie is daar vaak zo groot dat bedrijven zoveel mogelijk op arbeid willen besparen.”
De dwang is bij moderne slavernij vaak psychologisch van aard, aldus Van Meeteren. Ze geeft het voorbeeld van het aantrekken van kwetsbare mensen, zoals iemand met een verstandelijke beperking. “Zo iemand wordt makkelijk misleid. Er zijn daarnaast veel arbeidsmigranten zonder legale status in Nederland, waardoor een werkgever denkt: die kan ik ruim onder het minimumloon betalen.”

Lang niet alle prostitués staan vrijwillig achter de ramen.
iStock/justhavealookOok in de prostitutie komt moderne slavernij veel voor, vertelt Van Meeteren. Ook hier gaat het vaak om migranten, zoals vrouwen uit Oost-Europa. “Ze worden geworven om hier achter de ramen te staan. In de praktijk blijkt het werk vaak anders te zijn dan vooraf werd voorgespiegeld.”
Maar er zijn ook Nederlandse sekswerkers die slachtoffer zijn. Dat gebeurt vaak via loverboys of afpersing. “Een meisje heeft bijvoorbeeld seks met haar vriend en dat wordt opgenomen op beeld. Daarna wordt zij afgeperst: als zij niet doorgaat, wordt het materiaal online gezet.”
Te lage standaard
Gevraagd naar een mogelijke oplossing, denkt Van Meeteren lang na. Meer toezicht is in haar ogen niet de oplossing. “Hoe groot wil je de arbeidsinspectie maken? Op dit moment heeft die de capaciteit om ongeveer één procent van de verdachte bedrijven te bezoeken. Je kunt die capaciteit verdubbelen, maar dat lost nog steeds niet veel op.”
Ze vindt dat in het algemeen de lat voor arbeidsomstandigheden omhoog moet, zodat werkgevers daar ook minder snel onder gaan zitten. Daarmee bedoelt ze dat we te veel zaken normaal hebben gemaakt, die in haar ogen eigenlijk niet normaal zijn.
Onze economie is flexibel en uitzendbureaus hebben een machtige lobby, analyseert ze. Nu is het bijvoorbeeld mogelijk om mensen drie maanden niet te betalen en hen pas aan het einde van de oogst hun loon uit te keren. Het kan ook gebeuren dat je op vrijdagavond pas hoort of je op zaterdag mag werken. Daarnaast hebben werknemers in haar ogen te weinig vastigheid; een werkgever kan vrij eenvoudig van ze af. “Als dat al normaal is, dan is de stap naar ernstigere misstanden niet zo groot. De ondergrens zet een standaard voor hoe er in het algemeen met mensen wordt omgegaan.”

In de land- en tuinbouw komt arbeidsuitbuiting relatief veel voor.
iStock/LoradoHet verhogen van de lat is vooral aan de overheid, vindt ze. Ze noemt Duitsland als voorbeeld, waar nu wetgeving is die uitzendbureaus verbiedt in de vleessector: bedrijven moeten personeel nu gewoon zelf in dienst nemen. “Daar hebben ze nu goede ervaringen mee. De overheid kan zo praktijken verbieden die uitbuiting in de hand werken.”
Als de lat omhoog gaat, is dat niet alleen goed voor de mensen die worden uitgebuit. Ze ziet namelijk op diverse plekken in Nederland ‘overlevingscriminaliteit’ ontstaan: kleine vormen van criminaliteit, zoals een winkeldiefstal of zakkenrollen, die mensen plegen om in hun dagelijkse behoeften te voorzien. Ze kopen daar eten en drinken van of gebruiken het gestolen geld voor een dak boven hun hoofd. “Als mensen hun werk kwijtraken, heel weinig werken of op straat belanden, zie je dat ze soms daartoe overgaan. Je ziet het in Rotterdam en Den Haag, waar veel arbeidsmigranten verblijven. Daarom profiteert uiteindelijk de hele maatschappij ervan als we een hogere standaard aanhouden.”

