Naar de content

‘Via hun droom konden we contact met ze maken’

Interview met slaapwetenschapper Kristoffer Appel

user20395405, via Freepik.com

Slapen is een eenzame bezigheid. Je kan met twintig man in een slaapzaal liggen, maar tijdens je dromen lijkt het onmogelijk om met anderen te communiceren. Maar is dat ook zo?

25 maart 2026

Het is waarschijnlijk de meest iconische aflevering uit de tekenfilmserie Dexter’s Laboratory, eind jaren negentig. Dexter is een kind-genie met een geheim laboratorium in zijn ouderlijk huis. Hij heeft geen zin om te leren voor Frans. Dus slaapt hij met een uitvinding: een apparaat op zijn hoofd waarmee hij al slapende Franse woordjes leert. Het apparaat blijft echter hangen bij de drie woorden omelette du fromage. Vanaf de volgende ochtend kan hij alleen die drie woorden spreken en schrijven – en niets anders. 

Franse woordjes leren tijdens de slaap; dat lijkt voor altijd fictie. Toch hoeft dat niet zo te zijn. Het lukte slaapwetenschappers over de hele wereld gezamenlijk om te communiceren met slapende proefpersonen. En de proefpersonen communiceerden terug. Kristoffer Appel (Donders Instituut) was één van de betrokken wetenschappers en denkt dat dit spectaculaire deuren opent.

Kan je wat vertellen over hoe jullie samenwerkten met zoveel internationale wetenschappers?

“Bij het onderzoek waren slaaplaboratoria over de hele wereld betrokken. Zo ook een groep van de Radboud Universiteit, waar ik toen nog niet werkte; ik deed zelf mee namens de Universiteit van Osnabrück. Daarnaast waren er groepen in Frankrijk en in de Verenigde Staten. We hadden allemaal hetzelfde idee, maar gebruikten verschillende methoden. Het doel was om berichten uit te wisselen met iemand die slaapt; dus communicatie tot stand brengen binnen de droom van een slapend persoon, zonder dat hij of zij wakker wordt. Alle vier de groepen slaagden daar in.”

Zwart-witportret van Kristoffer Appel.

Kristoffer Appel werkte vanuit de Universiteit van Osnabrück mee aan het slaapexperiment, maar werkt inmiddels bij het Donders Instituut in Nijmegen. 

Kristoffer Appel

Hoe ziet zo’n experiment er uit in een slaaplaboratorium?

“We begonnen met het uitnodigen van mensen die lucide kunnen dromen: zij weten tijdens hun droom dat ze dromen. Dat bewustzijn is belangrijk, want alleen dan besef je dat je in een andere wereld bent en dat je berichten kunt uitwisselen met een buitenwereld. We trainden hen vooraf en gaven ze de opdracht om tijdens hun droom te letten op onze signalen.”

“Die signalen kwamen in verschillende vormen. In Duitsland gebruikten we piepjes en visuele signalen, zoals knipperende lichtjes. Vooraf hadden de proefpersonen morsecode geleerd, zodat ze de boodschap zouden kunnen begrijpen. Op het moment dat de lichtjes of geluiden in de droomwereld verschenen, realiseerde de dromer zich: dit moet een van de signalen uit het experiment zijn. We stuurden ze een eenvoudige rekensom, zoals 3+2, die de dromer vervolgens moest oplossen.”

Ik kan mij nog voorstellen hoe jullie communiceren met een slaper. Maar hoe kan zo iemand richting jullie communiceren?

“Normaal gesproken is het lichaam tijdens een droom verlamd: je kunt dus niet echt bewegen. Maar dat geldt niet voor je hele lichaam, want je kan je ogen van links naar rechts bewegen. We spraken bijvoorbeeld af dat het antwoord op een rekensom werd gegeven door een bepaald aantal links-rechts oogbewegingen. Zo checkten we of het antwoord klopte.”

Veel proefpersonen werden te vroeg wakker, omdat ze te opgewonden waren

“Natuurlijk ben je als onderzoeker hartstikke enthousiast als dat dan lukt, al moet ik zeggen dat het niet om de meerderheid van de deelnemers ging. Velen werden te vroeg wakker, bijvoorbeeld omdat ze te opgewonden waren. Het is dus een proof of concept: een bewijs dat het mogelijk is. Nu kunnen we de methoden verbeteren, betere benaderingen ontwikkelen en complexere berichten sturen.”

Het is een hele toffe ontdekking. Als ik je nu vraag om te dromen over wat we in de toekomst met deze kennis kunnen doen, waar denk je dan aan?

“Wetenschappers bestuderen dromen normaal achteraf; iemand wordt wakker en vertelt wat ‘ie droomde. Met deze methode kunnen we dromen bestuderen terwijl ze gebeuren, zoals de standaard is bij andere psychologiegebieden. Daardoor kunnen we dromen misschien beter gaan begrijpen. Maar het gaat verder dan wetenschap. Ik denk bijvoorbeeld ook aan het stimuleren van creativiteit: kunstenaars zouden inspiratie kunnen opdoen en schilderijen maken of muziek componeren op basis van droomervaringen.”

“Ik denk ook een apparaat dat oogbewegingen meet, en via een AI-systeem jouw boodschap decodeert en beantwoordt. Zo zou je nieuwe dingen kunnen oefenen: een presentatie voor werk of zoals Dexter woordjes leren in een vreemde taal. Uiteindelijk kunnen we misschien zelfs sociaal dromen, dus dat je communiceert met andere dromers die aan eenzelfde systeem zitten.”

“Maar ik zie ook een kans voor therapie. Door de inhoud van dromen te veranderen, kan je ze gebruiken om mensen bijvoorbeeld van angsten af te helpen. Met real-time coaching kunnen we niet alleen beslissen om iemand wakker te maken tijdens een nachtmerrie, maar je kan ook onderzoeken hoe die ontstaat en hoe die is aan te passen. Stel je hebt een fobie en ziet een spin in je droom; dan zou een therapeut kunnen zeggen dat je die spin kleiner moet maken. Daar is echter wel veel training voor nodig en het zal nog vele jaren duren voordat dit lukt.”