Iedereen kent wel de betekenis van homo, hetero en bi. Maar met aseksualiteit is niet iedereen even bekend, terwijl een grote groep mensen zich zo identificeert. “Het is een identiteit die erkenning verdient.”
De één wil graag een relatie, de ander liever niet. De één voelt veel seksuele aantrekking, de ander eigenlijk nooit. “Het is belangrijk dat we beseffen dat seksualiteit veelzijdig is”, zegt Marieke Dewitte, werkzaam als seksuoloog en wetenschapper aan de Universiteit van Maastricht. “Mensen beleven seksualiteit op veel verschillende manieren.” Zo zijn er mensen die wél verliefd worden, romantische kriebels voelen en diepe connecties aangaan, maar geen seksuele aantrekking ervaren.
Voor veel mensen is aseksualiteit onbekend terrein. “Aseksualiteit betekent dat je geen of weinig seksuele aantrekking voelt tot andere mensen”, legt Tomas Derckx uit. Hij is werkzaam bij Rutgers, expertisecentrum seksualiteit. Mensen die wél seksuele aantrekking ervaren, noemen we alloseksueel. In de huidige maatschappij heerst nog altijd het beeld dat iedereen seks wil. Daar moeten we vanaf, benadrukken zowel Derckx als Dewitte.
Online fora
Amber Witsenburg was 22 jaar toen die ontdekte dat die aseksueel is. Inmiddels, tien jaar later, werkt die als voorzitter bij de Nederlandse Organisatie Aseksualiteit. “Eigenlijk wist ik altijd al dat ik geen seksuele aantrekking voelde”, vertelt Amber. “Maar lang had ik geen woorden om dat te beschrijven. Pas toen ik online fora over aseksualiteit tegenkwam, viel alles op zijn plek. Ik herkende mezelf direct. Toen wist ik het: ik ben aseksueel.”
— Marieke Dewitte, seksuoloog Universiteit van Maastricht
Amber legt uit dat aseksualiteit een seksuele identiteit is. Net als homo, hetero of bi. “Ik identificeer mijzelf als aseksueel en biromantisch. Dat betekent dat ik weinig tot geen seksuele aantrekking voel, maar wél verliefd kan worden. En dat kan op iemand van elk gender zijn: man, vrouw of een ander gender.”
Romantiek
“Aseksualiteit staat los van het hebben van romantische gevoelens”, benadrukt Derckx. Volgens Derckx is aseksualiteit geen uniforme ervaring. Aseksualiteit bevindt zich namelijk op een spectrum, dat bekendstaat als het asexual spectrum of afgekort Ace Spectrum. “De ene aseksuele persoon ervaart geen romantische gevoelens en soms seksuele aantrekking”, legt Derckx uit. “De andere aseksuele persoon heeft juist wél romantische gevoelens, en voelt helemaal geen seksuele aantrekking.”
Amber herkent zich in dat laatste. Voor hen is de seksuele aantrekking vrijwel afwezig. “Eerlijk gezegd weet ik niet goed of ik het ooit heb gevoeld. En als dat al zo is, dan is het zeldzaam. Ik weet gewoon niet zo goed wat ik zou moeten voelen”, zegt die. Maar Amber benadrukt ook dat dit voor iedereen anders is. “Er zijn bijvoorbeeld mensen die zich demiseksueel noemen. Zij voelen seksuele aantrekking, maar pas als een diepe emotionele band is opgebouwd.”
Relaties en seks
Op dit moment date Amber niet, maar die sluit een relatie ook niet uit. “Ik ben niet actief op zoek. Misschien kom ik iemand tegen, misschien ook niet. In beide opties kan ik mij goed vinden. Ook als ik de rest van mijn leven single ben, kan ik heel gelukkig zijn.”
Een veelgehoorde aanname is dat aseksuele mensen geen relaties aangaan. “Dat klopt simpelweg niet”, zegt Derckx. “Aseksuele mensen kunnen net zo goed behoefte hebben aan een relatie.” Ook het idee dat aseksuele mensen nooit seks hebben is te zwart-wit gedacht, legt Derckx uit. “Sommige aseksuele mensen staan neutraal tegenover seks. Zij hebben bijvoorbeeld wel seks omdat hun partner dat graag wil, of uit nieuwsgierigheid. Anderen hebben soloseks. En weer anderen geven er de voorkeur aan om helemaal geen seks te hebben.”
Amber bevestigt die diversiteit: “Sommige aseksuele mensen hebben een hoog seksueel verlangen en hebben bijvoorbeeld veel seks.” Amber legt uit dat er allerlei redenen zijn om soms seks te hebben zonder seksuele aantrekking te voelen. “Voor sommige mensen voelt seks bijvoorbeeld meer als een gewone fysieke activiteit, zoals bergbeklimmen of een andere hobby.” Ook hierin bestaan hele verschillende voorkeuren binnen de aseksuele gemeenschap. “Voor mij persoonlijk zijn knuffelen, zoenen, handen vasthouden veel belangrijker in een relatie dan seks.”

Aseksualiteit bevindt zich op een spectrum, dat bekendstaat als het asexual spectrum of afgekort Ace Spectrum.
Nederlandse Organisatie Aseksualiteit (NOA)Dewitte legt uit dat er meer manieren zijn om intiem te zijn binnen een relatie - zonder seks te hebben. Volgens haar draait een goede relatie vooral om emotionele verbondenheid, zoals je geborgen voelen. Een stevige, veilige basis dus. “Kun je volledig jezelf zijn bij de ander, zonder bang te zijn voor afwijzing?” vertelt Dewitte. Die behoefte kan worden vervuld in een romantische relatie, maar net zo goed daarbuiten. Sommige mensen zijn namelijk heel gelukkig als single, omdat ze diepe, betekenisvolle banden hebben met vrienden en familie. En ook dat is helemaal oké, benadrukt Dewitte.
Meer begrip
En wat als je zelf vermoedt dat je aseksueel bent? “Praat erover met mensen die je vertrouwt”, adviseert Derckx. “Probeer goed bij jezelf na te gaan wat je voelt. En besef vooral dat het normaal is om geen seksuele aantrekking te ervaren.” Ook adviseert Derckx om gelijkgestemden op te zoeken, zodat je verhalen en ervaringen kunt delen.
“Iedereen beleeft seks en relaties op zijn eigen manier,” zegt Dewitte. Er is niet één juiste vorm. “Hoe je een relatie vormgeeft, of je wel of geen seks hebt, en met wie: dat doet er allemaal niet toe. Het enige wat telt, is dat het voor jóu goed voelt.” Met andere woorden: ‘You do you’.
— Tomas Derckx, expert seksualiteit en zorg bij Rutgers
Toch geeft Amber aan dat diens acceptatieproces niet altijd eenvoudig was. “Toen ik erachter kwam dat ik aseksueel was, wist ik vervolgens ook: ik pas niet in het gemiddelde plaatje. Mijn leven zou er anders uitzien, en niemand wil graag ‘afwijken’.” Dat zorgde voor onzekerheid over de toekomst. Hoe zou diens leven eruit gaan zien? Maar uiteindelijk besefte Amber dat dit voor iedereen geldt. Niemand weet precies hoe het leven loopt - aseksueel of niet.
Voor Amber hielp het contact met gelijkgestemden. “Samen grapjes maken over seksueel getinte reclames of heteronormatieve aannames. Dat is fijn. Het gevoel dat je onderdeel bent van een community.” Zo was er een tijdje terug een ijsjesreclame waarbij een man en een vrouw aan hetzelfde ijsje likten. “Ik heb daar met vrienden erg om gelachen. Wij begrepen gewoon niet waarom heterostellen dat zouden willen. Voor ons was het dus geen aantrekkelijke reclame.”
Keuzevrijheid
Volgens cijfers van het CBS identificeert ongeveer 0,7 procent van de mannen en 1,2 procent van de vrouwen zich als aseksueel. “Dat klinkt als een laag aantal, maar in absolute getallen gaat het om een grote groep mensen in Nederland”, legt Derckx uit. “Voor hen is meer acceptatie essentieel.” Die acceptatie begint bij keuzevrijheid, benadrukt hij. “Het moet normaal zijn om te zeggen: ik wil geen seks. Dat mag. Ook als je niet aseksueel bent.”
Voor Amber hielp het heel erg om diens geaardheid uit te spreken naar anderen. Eerst vertelde die het aan vrienden, toen aan diens ouders, en toen in een post op Facebook om het wereldkundig te maken. Daar kwamen overwegend positieve reacties op, al stuitte Amber ook op onbegrip. “Veel mensen weten er gewoon niet veel vanaf.”
Volgens Amber is het daarom minstens zo belangrijk dat er meer informatie beschikbaar komt over aseksualiteit. “Als er tien jaar geleden meer bekend was geweest over aseksualiteit, had ik mezelf veel eerder kunnen begrijpen”, stelt die. “Aseksualiteit is geen probleem dat opgelost moet worden. Het is een identiteit die erkenning verdient.”

