Naar de content

Zorgt de fatbike voor een ongezonde generatie?

Dejan Marjanovic, via iStock.com

Sinds hij vijf jaar geleden op de markt kwam, rijden steeds meer Nederlandse jongeren op een fatbike. Krijgen we daardoor een generatie die te weinig beweegt?

18 augustus 2026

Opstaan, tijd voor school! Met een glas melk en drie bruine boterhammen als brandstof spring je op de fiets en trap je kilometers ver, door weilanden of langs grachten, naar je eerste les. Tegenwind, regen of sneeuw maken niks uit; van je benen moet je het hebben.

Deze oer-Hollandse realiteit verandert snel door de opkomst van de e-bike. Steeds meer scholieren vliegen met 25 km/u over het fietspad zonder een druppel zweet. En wie zijn fatbike heeft opgevoerd, doet al helemaal geen moeite meer. Lekker snel, maar wat betekent het voor de gezondheid van een generatie jongeren (12-17 jaar) die nauwelijks nog hoeft te trappen?

Een e-bike hóéft niet direct minder beweging te betekenen

— Jasper Reenalda, bewegingswetenschapper Universiteit Twente

Er klonken recent al geluiden vanuit verschillende groepen onderzoekers en sportartsen: verbied alle e-bikes onder de 16 of zelfs 18 jaar. Zij zien een duidelijk verband. Wie de fiets inruilt voor een fatbike, beweegt minder en is ongezonder. Toch is het zo simpel niet. Want heeft de fatbike wel de fiets vervangen, of juist de bus, auto of scooter? En hoe noodzakelijk is fietsen überhaupt voor de gezondheid van jongeren?

Beweegrichtlijnen

We beginnen bij vraag twee. Voor een gezond leven moet je, volgens de Nederlandse Beweegrichtlijn, als kind minstens een uur per dag ‘matig of zwaar intensieve inspanning’ leveren. Voor Nederlandse kinderen is fietsen altijd laaghangend fruit geweest, legt Jasper Reenalda uit, bewegingswetenschapper aan de Universiteit Twente. “We gebruiken de fiets voor bijna alles, waardoor we makkelijker aan die beweegnorm komen. In landen om ons heen moeten ze dat relatief meer uit sport halen. Bij scholieren, vooral in de bovenbouw, neemt interesse in sportactiviteiten vaak af. Dan is fietsen dus extra belangrijk voor hun gezondheid.”

Er is dus reden tot zorg als jongeren minder gaan fietsen. En dat gebeurt, blijkt uit een rapport van het RIVM. In 2022 fietsten 12- tot 17-jarigen per week gemiddeld 48 minuten minder naar school dan in 2019, en ook in hun vrije tijd trapten ze 51 minuten minder. Daar stond wel tegenover dat ze 50 minuten meer sportten per week, maar dat maakte het verlies aan fietstijd niet goed. Het aandeel jongeren dat de Beweegrichtlijn haalde, zakte van 40,5 naar 33 procent. De oorzaak? De opmars van de e-bike, vermoeden de onderzoekers.

Twee tienerjongens geven elkaar al fietsend een boks.

Middelbare scholieren gaan steeds minder fietsen, terwijl fietsen juist voor jongeren altijd een makkelijke manier was om aan de Nederlandse Bewegingsrichtlijn te voldoen.

Magnific, via Magnific.com

Stoer statussymbool

En wat een opmars was het. De eerste e-bike – een fiets met elektrische trapondersteuning – verscheen in Nederland al vóór de millenniumwisseling. Sindsdien werd de e-bike steeds betaalbaarder en populairder: in 2024 reden er 4,2 miljoen exemplaren rond en was meer dan de helft (61 procent) van nieuwe fietsen in de winkel elektrisch.

Toch was de e-bike niet direct een hit bij jongere generaties. Zij zagen het vooral als de fiets waarop opa en oma hun fietstochtjes konden blijven maken. Met de intrede van de fatbike sloeg dat om. Deze laag zittende, vaak pikzwarte fietsen met extra brede banden maakten van de e-bike een statussymbool. Het succes is begrijpelijk, want het voldoet aan alles wat een tiener wil: goedkoop, stoer, en vooral heel erg snel.

Seniorenkoppel staat met hun e-bikes aan de rand van een steenstrand.

De e-bike was in de eerste instantie vooral populair bij senioren, maar met de komst van de fatbike raakten ook jongeren geïnteresseerd.

lucigerma, via iStock.com

Sneller dan toegestaan, vaak. E-bikes mogen wettelijk niet boven de 25 km/u komen, maar opvoeren is zo gepiept. Even een app downloaden of een illegale gashendel installeren en je fatbike tikt de 45 km/u aan, zonder dat je hoeft te trappen. Je hebt dan praktisch een scooter, maar dan zonder minimumleeftijd, rijbewijs- of helmplicht.

Minder inspanning

Dat maakt veel fatbikes gevaarlijker, maar ook ongezonder dan een standaard e-bike, zegt Reenalda. In 2021 voerde hij met het Twentse nieuwsplatform Tubantia een kleinschalig experiment uit. Het proefkonijn, de verslaggever, kreeg een masker op om zuurstofverbruik te meten en mocht telkens een kwartier rijden op een stadsfiets, e-bike en elektrische scooter. In de (hoogste) turbostand van de e-bike – de standaard setting voor een fatbike – verbruikte hij half zo veel energie als op de stadsfiets. Een aanzienlijk kleinere inspanning dus, die ook nog eens korter duurt omdat je sneller op je bestemming bent. Op de scooter, of opgevoerde fatbike met gashendel, lag dat energieverbruik zelfs op slechts een vijfde van de stadsfiets.

Op een e-bike, en vooral een fatbike, ben je dus duidelijk minder actief. Het ondersteunt het vermoeden uit het RIVM-rapport dat middelbare scholieren hun beweegnorm minder halen omdat ze fiets massaal inruilden voor een e-bike. Maar deden ze dat wel?

Minder fietsminuten

Om dat zeker te weten moeten we breder kijken naar gedrag, zegt Reenalda. Hoe reizen mensen en hoe verandert dat? Er zijn volgens hem best wat positieve scenario’s denkbaar voor de e-bike. “Stel dat je ver van je school woont, tien of vijftien kilometer, en je gaat normaal met het OV of wordt met de auto gebracht. Door een e-bike wordt fietsen opeens wél mogelijk, dat is winst. Misschien ga je zelfs vaker de deur uit omdat je overal snel kunt zijn. Een e-bike hoeft niet direct minder beweging te betekenen.”

Opvallend genoeg voldoen meer jongeren in de e-bikegroep aan de beweegnorm dan bij de gewone fietsers

— Maarten Kroesen, onderzoeker reisgedrag

Een recent onderzoek van de TU Delft, geleid door reisgedrag-onderzoeker Maarten Kroesen, zocht het verder uit. Bij alle middelbare scholieren (12-17 jaar) nam het aantal fietsminuten flink af door de jaren heen, terwijl het aantal e-bikeminuten steeg. De verandering is het grootst bij de groep van 15-17 jaar: zij maakten per dag gemiddeld negen minuten minder op de gewone fiets en vijf, zes minuten meer op de e-bike. Gezien de fatbike het populairst is bij deze bovenbouwgroep, lijkt de conclusie snel getrokken.

Verder reizen

Toch wilde Kroesen deze verandering beter begrijpen. “We deelden de 15 tot 17-jarigen in groepen, op basis van hoe ze het vaakst reizen, zoals fietsen, e-bike, en niet-actief (OV, auto). We zagen dat de fietsers inderdaad flink afnamen (van 45 tot 32 procent), maar die zijn niet allemaal op de e-bike overgestapt. Steeds meer tieners gingen namelijk niet-actief reizen, bijvoorbeeld als autopassagier. Misschien dat ouders ze steeds vaker met de auto brengen.”

De boodschap van het onderzoek is dan ook: geef de e-bike niet meteen de schuld. Jongeren fietsen aanzienlijk minder, maar er is meer aan de hand. Kroesen: “Opvallend genoeg voldoen meer jongeren in de e-bikegroep aan de beweegnorm (78 procent) dan bij de gewone fietsers (71 procent). In plaats van ‘te lui om te fietsen’, zien we dat de e-bike vooral voldoet aan een behoefte om verder te kunnen reizen: de groep e-bikers groeide vooral in landelijke gebieden, buiten de steden, en ze maken meer kilometers dan de groep fietsers. Een e-bike betekent dus niet dat je minder beweegt.”

Reenalda vertelt dat zijn collega’s in de bewegingswetenschappen enige kritiek op dat laatste punt hadden. “Zelfs als iemand meer kilometers maakt op een e-bike, verbrand je aanzienlijk minder energie dan op een stadsfiets. Al helemaal op een opgevoerde fatbike. Je kunt dus niet zeggen dat ze evenveel bewegen.”

Het vonnis

Wat is het eindvonnis? Maakt de fatbike onze jeugd luier of sportiever? Op de brandstapel ermee of subsidiëren? Het is niet eenduidig, erkent Reenalda. “Er is ongetwijfeld een groep jongeren die dankzij hun fatbike meer, of in ieder geval niet minder, beweegt. Maar onderaan de streep zal het onze jeugd echt niet helpen om die beweegnorm te halen. Dat geldt voor alle e-bikes, maar voor een opgevoerde fatbike, die meer als scooter dient, des te meer.”

Is de fatbike de nieuwe scooter?

Wie een fatbike koopt, vervangt er niet per se zijn stadsfiets mee. De fatbike heeft alle voordelen van een scooter – snel, stoer, iemand kan mee achterop – maar dan zonder de hoge kosten en helmplicht. Het is dus goed denkbaar dat de fatbike de plek van de scooter heeft ingenomen in het straatbeeld. Waar ik woon, in Utrecht, zie ik in ieder geval steeds minder scooters sinds de fatbike hier rondzweeft. Ik stelde de vraag aan Maarten Kroesen, die voor mij in de cijfers dook. Helaas bleek mijn vermoeden niet te kloppen: jongeren van 15-17 jaar zijn tussen 2018 en 2023 niet minder, maar zelfs meer met de scooter gaan rijden.

Het gaat namelijk verder dan de verloren beweegminuten, voorspelt Reenalda. “Op die leeftijd wil je jongeren juist aanleren om genoeg te bewegen. Een fundament leggen. Maar de groep die nu uit gemakzucht op een fatbike fietst, gaat later niet zomaar op een stadsfiets overstappen. Dan raakt die beweegnorm verder uit zicht.”

Is een leeftijdsverbod voor e-bikes dan de oplossing? Reenalda betwijfelt het. “Mensen willen zich altijd verplaatsen, dus je moet je afvragen: waar stuur je mensen heen wanneer je iets verbiedt? De fiets of de auto?” Wel kan het veiliger maken van de fatbike, waar media en politici het vooral over hebben, ze ook gezonder maken. Met een begrensde snelheid moet je zelf harder trappen en een helmplicht maakt de fatbike minder gewild. Uiteindelijk, zegt Reenalda, ligt de taak vooral bij de ouders om te zorgen dat hun kind genoeg beweegt.