Naar de content

De fluitjes, klikjes en liedjes van walvissen

Dier en taal: de walvis

iStock, Craig Lambert

Kunnen we ooit praten met walvissen? Hun complexe geluiden lijken verrassend veel op taal, en onderzoekers komen steeds dichter bij ontcijfering. Tegelijkertijd dreigt ons lawaai hun communicatie te overstemmen.

17 april 2026

In 1970 bracht bioloog Roger Payne een muziekalbum uit. De nummers op dat album waren gezongen door bijzondere artiesten. Dat waren namelijk geen mensen, maar bultruggen. Songs of the Humpback Whale werd het bestverkochte natuuralbum ooit. Dankzij het album maakte het grote publiek voor het eerst kennis met het welluidende gezang van walvisachtigen.

Sindsdien is er een hoop ontdekt over de geluiden van zeezoogdieren. Zullen we dankzij die ontdekkingen binnenkort met deze slimme dieren kunnen communiceren? Of zijn we ze met onze eigen herrie vooral tot last?

Lage tonen voor grote afstanden

Gezang, gebrom, gefluit en geklik: walvisachtigen creëren onder water een kakofonie van geluiden. Dat moeten ze ook wel, vertelt marien bioloog Charlotte Curé, onderzoeksdirecteur van het Franse instituut Cerema-UMRAE en gespecialiseerd in de geluiden van zeedieren. “Walvisachtigen zijn zeer sociale en mobiele dieren. Daarom moeten ze regelmatig over grote afstanden communiceren.”

Onder water is het natuurlijk nogal donker. Voor hun communicatie kunnen walvisachtigen dus niet hun zicht gebruiken. Ook geursporen verdwijnen in water sneller dan in lucht. Geluid is daarom verreweg de beste optie. “Dat verspreidt zich onder water vier tot vijf keer sneller dan in de lucht. Bovendien kunnen lage tonen zich over zeer grote afstanden voortbewegen”, zegt Curé.

Omdat ze voornamelijk op geluid moeten vertrouwen, hebben walvisachtigen een zeer goed gehoor ontwikkeld. Curé: “Dat is essentieel om te overleven. Een dove walvisachtige is een dode walvisachtige.”

Aanspreken met fluittonen

De communicatie van walvisachtigen heeft verrassend veel overeenkomsten met menselijke taal. Zo kunnen dolfijnen nieuwe geluiden van elkaar leren door ze te imiteren. En ze slaan een hogere toon aan als ze met hun jongen communiceren – net zoals wij bij baby’s doen.

In 2013 werd een ander taalkenmerk ontdekt bij tuimelaars – een dolfijnensoort die velen kennen van de tv-serie Flipper. “Elk dier heeft zijn eigen fluittoontje. Daarmee geven ze aan wie ze zijn en waar ze zijn”, zegt Fleur Visser, walvisonderzoeker aan het NIOZ.

De fluittonen fungeren als een soort namen: tuimelaars stellen zichzelf ermee voor als ze aan het woord zijn. De aangesproken dolfijn herhaalt vervolgens de fluittoon van de eerste spreker, om aan te geven dat die de gesprekspartner heeft geïdentificeerd. Dat is een beetje zoals wij in een telefoongesprek doen: “Met Flip, ik bel je vanwege…” “Dag Flip, leuk dat je belt...”

Onderzoekers vermoeden dat dolfijnen in een tweegesprek soms ook de fluittoon laten horen van een dolfijn die niet bij het gesprek aanwezig is. Misschien kunnen dolfijnen dus zelfs over soortgenoten ‘roddelen’ – al is dat nog wel erg speculatief.

Tuimelaar

Tuimelaars stellen zichzelf voor met fluittonen als ze aan het woord zijn.

iStock, NatureLovePhotography

Playback-experimenten

Van de meeste klikjes, fluitjes en liedjes van walvisachtigen is de betekenis nog onbekend. Hoe ontcijfer je die? Allereerst natuurlijk door die geluiden op te nemen. “Dat kunnen we redelijk makkelijk doen door opnameapparatuur in het water te hangen”, zegt Visser. “Alleen blijft het wel heel moeilijk om de omgeving erbij te zien. Als er een geluid wordt gemaakt, dan weet je meestal niet wie het maakt en ook niet naar wie het is gericht.”

Om toch de reacties op een geluid in kaart te brengen, doen onderzoekers zogeheten playback-experimenten. Visser: “Als je op een gegeven moment een vermoeden hebt over een geluid, dan kun je dat geluid herhaaldelijk afspelen aan een dier en de reactie filmen. Zo kun je sommige geluiden stap voor stap wel leren begrijpen.”

Alleen moet je dan eigenlijk wel alle varianten van een geluid afspelen om zeker te zijn. Want ook bij walvisachtigen is het de toon die de muziek maakt, vertelt Visser. “De intensiteit van bepaalde geluiden kan bijvoorbeeld sterk wisselen. Het is soms hard, soms zacht. Als je denkt dat het volume van belang is voor de betekenis, begin je met hard afspelen en zacht afspelen. Dan kijk je of er verschil is in reactie. Datzelfde kun je doen met hoog en laag, of met veel en weinig herhaling.”

Potvisalfabet

Het ontcijferen van walvistaal is dus monnikenwerk. Tegenwoordig kan AI die klus gelukkig wat versnellen. Visser: “We hebben vaak lange opnames, die we voorheen handmatig moesten analyseren. Dan luister je naar de opname en zet je overal een markering bij: dit is roep type 1, dit is roep type 2, enzovoort. Met AI kun je een groot deel automatisch laten verwerken.”

Zal het walvissen goed doen om met de mens te communiceren, en willen zij dit wel?

— Fleur Visser, walvisonderzoeker aan het NIOZ

Die samenwerking levert al zijn vruchten op. Zo denken onderzoekers mede dankzij AI het ‘alfabet’ van de potvis te hebben ontrafeld. Dat bestaat volgens hen uit 156 verschillende klikjespatronen. Ook hebben deze onderzoekers achterhaald dat potvissen hun ‘spreektempo’ op elkaar afstemmen.

Daarnaast is met behulp van AI ontdekt dat dolfijnen behalve namen ook gezamenlijke woorden lijken te gebruiken. In een studie werden 22 fluitsignalen ontdekt die door meerdere individuen worden uitgestoten. Met name twee van die signalen werden alleen in specifieke situaties gebruikt. Het ene leek iets uit te drukken als: ‘Wat is er aan de hand?’ Het andere leek een soort waarschuwingssignaal.

Gesprek met een bultrug

De ontdekkers van deze dolfijnenwoorden ontvingen in 2025 de allereerste Coller Dolittle Prize. Dat is een jaarlijkse prijs van 100.000 dollar voor nieuwe inzichten op het gebied van mens-diercommunicatie. De organisatie erachter belooft voor een échte doorbraak zelfs 10 miljoen dollar uit te reiken.

Het past bij de hype die momenteel heerst rond communicatie met dieren. Walvisachtigen worden dankzij hun intelligentie door velen gezien als de beste gesprekspartner in het dierenrijk. Zo hebben onderzoekers met behulp van Gemini, de chatbot van Google, een AI-model getraind in dolfijnentaal. Met DolphinGemma hopen ze uiteindelijk met dolfijnen te kunnen praten.

In 2023 claimden onderzoekers zelfs voor het eerst een ‘gesprek’ in walvistaal te hebben gevoerd. Ze lieten bultrug Twain geluiden horen die ze eerder van ditzelfde dier hadden opgenomen. In reactie daarop ging Twain rond hun boot zwemmen en zelf ook geluiden maken.

Kun je dit echt een gesprek noemen? Het feit dat de onderzoekers zelf in hun artikel het woord conversing tussen aanhalingstekens zetten, geeft het antwoord eigenlijk al. “Over en weer geluiden maken kun je ook met je kat doen”, zegt Visser. “Dan heb je wel een interactie. Maar wat mij betreft is het pas een gesprek als je van elkaar begrijpt wat er wordt gezegd.”

Bultrug

Walvisexcursie bij Tadoussac, Quebec.

iStock, Andrei Antipov

In het algemeen is Visser niet zo’n fan van alle pogingen om met walvisachtigen te communiceren. “Het zou fantastisch zijn als we op die manier beter kunnen begrijpen hoe deze dieren leven. Maar nu benaderen we ze vaak op een mensgeoriënteerde manier. Zal het walvissen goed doen om met de mens te communiceren, en willen zij dit wel? Als we ons dat niet afvragen, wordt het misschien wel nooit een goed gesprek.”

Geluidsoverlast op zee

Er is best reden om te denken dat walvisachtigen niet zo op gesprekken met mensen zitten te wachten. Want momenteel zijn we ze met ons eigen lawaai vooral aan het storen. Visser doet onderzoek naar die verstoring. “Er zijn veel geluiden in zee. Denk aan scheepvaart, de aanleg van windmolenparken en militaire sonar”, zegt ze. “Sommige geluiden kunnen resulteren in een stranding. Dat zijn geluiden die lijken op het type geluid dat walvisachtigen zelf maken, of hun vijanden.”

Ook als achtergrondgeluid niet leidt tot stranding, kan een walvisachtige er veel last van hebben. “Onder andere het verzamelen van voedsel wordt daardoor verstoord. Als je regelmatig niet genoeg kunt eten, dan krijg je langzaamaan last van een gebrek aan energie.”

Visser vergelijkt het met het effect dat geluidsoverlast op ons kan hebben. “Stel dat je aan het werk bent en er rijden constant vrachtwagens langs. Dat is gewoon verstorend. Niet zodanig dat je er meteen van sterft, maar als je elke dag een uur lang minder productief bent op je werk, gaat dat op de lange termijn wel ten koste van je inkomen en je welzijn.”

We zullen natuurlijk niet snel vanwege een paar zingende bultruggen de hele scheepvaart aan banden leggen. Maar volgens Visser worden er wel kleine stappen gezet. “Ons onderzoek kan er bijvoorbeeld voor zorgen dat scheepsmotoren op lange termijn stiller moeten worden. En dat oefeningen van marines niet meer plaatsvinden in gebieden waar heel veel gevoelige walvissoorten zijn.”

Bronnen

  • L.S. Sayigh, N. El Haddad, P.L. Tyack, V.M. Janik, R.S. Wells, & F.H. Jensen, Bottlenose dolphin mothers modify signature whistles in the presence of their own calves, Proc. Natl. Acad. Sci. U.S.A. 120 (27) e2300262120, https://doi.org/10.1073/pnas.2... (2023)
  • Virginia Morell, Dolphins Can Call Each Other, Not by Name, But by Whistle, Science (2013)
  • Chris Simms, We will soon be able to talk with other species. Which will be first?, NewScientist (2025)
  • Sharma, P., Gero, S., Payne, R. et al. Contextual and combinatorial structure in sperm whale vocalisations. Nat Commun 15, 3617 (2024). DOI: https://doi.org/10.1038/s41467...
  • Laela Sayigh, Frants Jensen, Katherine McHugh, Marco Casoli, Laurine Lemercier, Peter Tyack, Randall Wells, Vincent M. Janik, First evidence for widespread sharing of stereotyped non-signature whistle types by wild dolphins
    bioRxiv (2025). DOI: https://doi.org/10.1101/2025.0...
  • McCowan B, Hubbard J, Walker L, Sharpe F, Frediani J, Doyle L., Interactive bioacoustic playback as a tool for detecting and exploring nonhuman intelligence: “conversing” with an Alaskan humpback whale. PeerJ 11:e16349 (2023) https://doi.org/10.7717/peerj.16349