Naar de content

Decentraal filmpjes delen met anderen

Net beter: videoplatforms

Sophia Twigt voor NEMO Kennislink

Elke keer als je een YouTube-video bekijkt, lever je gegevens in bij Google. Die informatie voedt verslavende algoritmes en gerichte advertenties. We proberen het alternatief PeerTube uit.

15 juli 2026

Op NEMO Kennislink en talloze andere websites zijn video’s te zien via YouTube. Dat is voor de websitemakers makkelijk: YouTube biedt een fijne service, waarmee je eenvoudig een video van YouTube afplukt en die ergens op een website plaatst. En dat allemaal gratis. Maar zoals vaak gezegd: als iets gratis is, zijn wij het product. Om video’s te bekijken betalen we met een stukje persoonlijke informatie. Kan PeerTube een alternatief bieden?

PeerTube presenteert zichzelf als een decentraal alternatief voor de videoplatforms van Big Tech. Er zijn geen advertenties, ondoorzichtige algoritmen of een onduidelijk moderatiebeleid, stelt de Franse ontwikkelaar Framasoft. In feite is PeerTube geen platform, maar is het gereedschap om je eigen videoplatform in elkaar te knutselen en op een server te zetten. Een ‘homemade YouTube’, noemt Framasoft het. De software is ook opensource: iedereen kan de structuur van het programma inzien en verbeteren.

Losse platforms

Het idee is dat er losse platforms, instances genoemd, ontstaan met elk hun eigen regels, niet één ‘peertube.com’. Kijkers en videomakers kunnen zich aansluiten bij platforms die hun waarden en interesses delen. De instances hebben de optie om zich te verbinden met elkaar (federaten), waardoor de video’s op het ene platform te zien zijn bij een ander. Platforms kunnen dan zelf uitkiezen welke andere instances passen bij hun doel. Zo moet er een decentraal web ontstaan van video’s.

Als het beleid van een instance een foute richting inslaat, dan is er een vluchtroute. PeerTube heeft namelijk een functie om jouw account te ‘exporteren’. Daarmee kan je een boel data downloaden: video’s, ondertitelingbestandjes, likes, dislikes – vrijwel alles is kant-en-klaar in een pakket gestopt. Bij een andere instance importeer je al je gegevens weer en wordt jouw account weer uitgepakt. Ben je het daarentegen oneens met het beleid van YouTube? Dan is een overstap niet zomaar gemaakt.

Kan PeerTube daadwerkelijk een vervanger worden van YouTube? Daar antwoorden de ontwikkelaars stevig ‘nee’ op. Maar dat is het doel ook niet. PeerTube moet ‘een alternatief met andere waarden bieden’, zeggen ze. Virale video’s met miljoenen weergaven verwacht ik dan ook niet. Videomakers verdienen geen geld via advertenties, er is dus weinig stimulans, noch krijgen kijkers bijpassende video’s aangeboden via een verslavend algoritme. Dat maakt het lastig om veel blijvende bezoekers te krijgen. PeerTube lijkt voor nu een tool om een openbaar videoarchief op te zetten, waar jij bepaalt waar de video’s zijn opgeslagen.

IP-adres

Helaas ben ik niet handig genoeg om zelf een platform op te zetten en daarom sluit ik me aan bij publicvideo.nl. Het platform is opgezet door PublicSpaces, een stichting die zich bezighoudt met digitale autonomie. Er staat een handjevol video’s op, de meeste uit het archief van het Eye Filmmuseum in Amsterdam. Ik zie een paar documentaires over Delft, Maastricht, Zaltbommel – meer dan dertig weergaven bereiken ze niet.

Nadat ik een testvideo online heb geplaatst, zoek ik naar de embed-link, die ik nodig heb om de video vast te knopen aan de website van NEMO Kennislink. Gevonden. Ik krijg ook meteen een voorbeeldweergave voor kijkers te zien. Onder mijn inspiratieloze videotitel ‘Graf Toetanchamon’ staat nog een waarschuwing: ‘Bekijken van deze video kan jouw IP-adres delen met anderen.’ IP-adres? Is dat niet iets persoonlijks? Met wie deel ik dat dan? Ik voel me direct bekeken. Onveilig. “De meeste mensen zijn niet belangrijk genoeg om te hacken”, relativeert Quinten Stokkink, onderzoeker data-intensieve systemen aan de TU Delft. Overigens is het IP-adres niet zomaar te zien; daar moet iemand echt voor graven. En dan moeten ze nog een kwetsbaarheid vinden in jouw systeem. “Voor een hacker kost tijd ook geld. Je haalt er meer uit door een phishing-linkje in een nep-DigiD mailtje te sturen. Een willekeurig persoon op een PeerTube-instance is het niet waard.”

Een screenshot van een computerscherm, waarop een video van NEMO Kennislink wordt gedeeld.

Screenshot van de testvideo die redacteur Henry Pham op PeerTube plaatste, met waarschuwing over het delen van zijn IP-adres.

Henry Pham

Dus het delen van mijn IP-adres zal niet leiden tot een hack. Maar waarom deel ik überhaupt mijn IP-adres met anderen? Dat komt door de peer in PeerTube, dat is te vertalen als ‘gelijke’. PeerTube heeft de optie om gebruik te maken van het peer-to-peerprincipe (p2p). Daarbij ontvang je niet alleen de video van de server van bijvoorbeeld publicvideo.nl, maar ook van de mensen, gelijken, die toevallig naar dezelfde video staren. “Je knipt de video in stukjes. Je krijgt bijvoorbeeld deel één en twee van de server. Als je die hebt verwerkt, ontvang je deel drie, maar tegelijkertijd stuur jij ook deel één en twee naar een ander”, legt Stokkink uit. Wanneer een video populair is, sturen kijkers meer stukjes over en weer en hoeft de server minder werk te verrichten: er is minder bandbreedte nodig. Dat maakt het in theorie voordeliger voor de platformeigenaar

Klinkt goed, maar waarom zetten alle techbedrijven p2p dan niet in? “Het is een inside joke in mijn veld, dat niemand kiest voor het gebruik van p2p. Ze gebruiken het alleen, omdat het de laatste optie is”, zegt Stokkink. Aan het netwerkprincipe zitten namelijk nogal wat haken en ogen. “Er is geen centrale autoriteit die zegt of een videostukje goed of fout is.” Hierdoor heb je volgens Stokkink allerlei lagen aan identiteitschecks en cryptografie nodig, wat het veel te complex maakt. Daarnaast zou voor de consument simpelweg oneerlijk zijn als YouTube p2p zou implementeren. “Ik geef gratis rekenkracht van mijn computer weg aan een onbekende voor die video, wie compenseert mij dan?”, vraagt Stokkink.

Foefje

Bij een volledige overstap wil ik het gehele NEMO Kennislink-archief op YouTube verplaatsen naar het PeerTube-kanaal. Daar is een optie ‘synchroniseren’ voor. Toch mag ik niet bij dat knopje. De functie blijkt uitgezet door de beheerder van publicvideo.nl. Ook hier moet ik me houden aan de regeltjes van een ander. Dan klinkt een eigen platform toch aantrekkelijker.

Ik kom in contact met Floris Douma, de websitebouwer van NEMO Kennislink. Binnen een mum van tijd staat ons videoplatform online. Als ervaren programmeur klikt hij het zo in elkaar. Of een leek als ik het ook kan? “Dat sluit ik niet uit”, zegt Douma, “De handleiding was goed.” PeerTube installeren zou ik misschien nog kunnen, maar een videoplatform opzetten vereist meer dan dat. “Mijn zorg is de veiligheid van de server waarop de video’s staan”, laat Douma weten. “De handleiding reikt niet verder dan het opzetten van het platform zelf. Maar als je PeerTube op grote schaal wilt draaien, kan een firewall echt niet ontbreken.”

Nu we ons eigen platform hebben, kan ik zelf aan de knoppen zitten. Maar de p2p-functie inschakelen? Waarschijnlijk niet. Er moet veel gebeuren wil dat op grote schaal floreren, voor nu blijft het een foefje. Stokkink: “Als je zo’n idealistisch netwerk wil opzetten, dan moet je ook een heleboel problemen oplossen.” De video’s van YouTube afplukken en daarmee onze instance aanvullen, dat hoop ik wel te kunnen. Helaas krijg ik toch weer een foutmelding. Jammer. Na wat verder graven blijkt de synchronisatiefunctie te berusten op een stukje code die video’s van YouTube scrapet, oftewel via een omweg het videobestand achterhaalt. Daar vecht YouTube natuurlijk tegen, ook vanuit auteursrechten. Dat wordt dus één voor één de video’s verplaatsen, titel, beschrijving en al. Wie dat gaat doen? Ik liever niet. En zeker niet voor wat nu alleen maar een testje blijft.