Naar de content

Zo maken we sociale media weer leuk

Net beter: opensource alternatieven

Sophia Twigt voor NEMO Kennislink

Sociale media, geef je het nog een kans? Redacteur Amanda Verdonk ontdekt alternatieve sociale media, die misschien nog wat minder bruisen, maar die de gebruiker wel (weer) vooropstellen.

13 maart 2026

Flauwe grappen over het bij elkaar gelogen cv van de beoogd staatssecretaris van Financiën, foto’s van roodborsttapuiten, krokussen en sponszwammen (#kleurindenatuur) en leuke cartoons. Ik zit sinds kort weer op sociale media en stiekem is dat best wel leuk.

Hoewel het sentiment momenteel natuurlijk totaal anders is. Een Amerikaanse vrouw kreeg ernstige depressies van sociale media en sleepte TikTok, Snapchat en Meta voor de rechter. Meta-baas Mark Zuckerberg moest dan ook in de rechtbank komen uitleggen waarom hij zijn platformen Facebook en Instagram zo verslavend heeft gemaakt. Ook uit een recent Nederlands onderzoek blijkt dat Instagram, TikTok en YouTube een negatief effect hebben op de mentale gezondheid. Voor mijn collega-redacteur Kas Jansma waren het genoeg redenen om zijn Instagram te deactiveren. Marissa Memelink, onderzoeker bij SETUP, vertelde hem ook dat het grootste momentum van sociale media wat haar betreft wel is geweest. Wie heeft er nog zin om weer op een nieuwe plek iets nieuws op te bouwen?

Van oudsher

Sander van der Waal, onderzoeksdirecteur bij Waag Futurelab, dat eigenlijk net als SETUP op een creatieve en kritische manier het gebruik van technologie in de maatschappij onderzoekt, wil dat in ieder geval wél. “In theorie is er niks mis met sociale media, er zitten veel leuke aspecten aan. Laten we het dus weer leuk maken, zoals onze campagne vorig jaar zei: make socials social again.”

Daarvoor moet je alleen niet bij de Big Tech-varianten blijven plakken, in de hoop dat die hun leven beteren, adviseert Van der Waal. Er bestaan twee alternatieven die de socials weer leuk kunnen maken. Hier wordt het alleen wat ingewikkelder, want die alternatieven zitten technisch gezien wat anders in elkaar dan de bekende platformen. De eerste en oudste is Mastodon, een Twitter/X-alternatief dat gebruikmaakt van de zogeheten Fediverse. Van der Waal: “Dat werkt net zoals het internet van oudsher is opgezet, namelijk federatief. Dat betekent dat je altijd de mogelijkheid hebt om tussen verschillende netwerken direct te verbinden, zonder dat je een centrale server hebt.”

Bij Mastodon sluit je je dus aan bij een server, bijvoorbeeld van mastodon.social. Maar Waag heeft ook zijn eigen server, waag.social. Je meldt je aan, geeft een persoonlijke motivatie en wordt dan persoonlijk toegelaten. “Wij kijken wel even wie zich wil aanmelden”, zegt Van der Waal. “We willen vooral uitsluiten dat je een bot bent.” Zo’n vijfhonderd mensen zijn nu aangesloten bij waag.social. Ik word gelukkig goedgekeurd, en heb toegang tot Mastodon, of eigenlijk tot de Waag-versie van Mastodon. Ik krijg tips wie ik kan volgen: onder wie meerdere GroenLinks-kamerleden, Bits of Freedom, techjournalisten en, natuurlijk, Waag-oprichter en directeur Marleen Stikker. Interessant, maar wel een erg linkse techbubbel. Ook digitale autonomie-experts die al eerder in het thema ‘Wij zijn het web’ aan het woord kwamen, zoals Bert Hubert en Wladimir Mufty, kun je er volgen. Mastodon heeft daarnaast een chronologische tijdlijn. Je ziet dus altijd de nieuwste berichten bovenaan, en niet, zoals bij de populaire sociale media, een algoritmische tijdlijn, waarin de populairste berichten bovenaan staan. Alleen bij de tab Trends zie je de populairste berichten bovenaan. Elke server doet zijn eigen contentmoderatie (en filtert dus op bijvoorbeeld haatberichten) en, niet onbelangrijk, er zijn geen advertenties.

Screenshot van Mastodon op de server van Waag

Screenshot van de Mastodon-tijdlijn van redacteur Amanda Verdonk op de server van Waag.

Amanda Verdonk

Als ik Mastodon te beperkt vind, dan moet ik eens een kijkje nemen bij Bluesky, adviseert Van der Waal. “Recent heeft Bluesky meer tractie gekregen.” Veel journalisten en politici zijn er actief. Ik maak er een account aan en neem een kijkje. En inderdaad: het bruist iets meer, lijkt het. Maar Bluesky is toch een Amerikaans platform, opgericht door Twitter-medeoprichter Jack Dorsey, en gefinancierd met durfkapitaal? Lopen we dan niet allemaal weer in dezelfde val? “Het risico bestaat inderdaad dat Bluesky dezelfde kant op gaat als andere Big Tech-bedrijven. Maar er ligt een open protocol onder, AT-Proto genaamd, waar mensen zelf dingen op kunnen bouwen. Daarom zien wij wel mogelijkheden om een nieuw soort Fediverse te maken.”  

We kunnen niet in ons eentje een platform groot maken

Recent is namelijk Eurosky gelanceerd, een Europese variant van Bluesky. In plaats van je aan te melden bij Bluesky, meld je je aan bij Eurosky, waardoor al je gegevens op een Europese server staan. Je krijgt vervolgens gewoon toegang tot Bluesky, maar dan met meer controle over je gegevens. Die data vallen dan namelijk onder (beter beschermde) Europese wetgeving in plaats van Amerikaanse. “Eurosky gaat in de toekomst mogelijk ook de moderatie op zich nemen. Daarvoor ben je dan ook niet meer overgeleverd aan Bluesky.” Volgens Van der Waal is Bluesky namelijk minder transparant over welke berichten het filtert en worden berichten die mensen als ongepast melden, niet altijd verwijderd. Ik meld me aan bij Eurosky, maar helaas is de uitrol nog niet officieel begonnen. Mocht ik echt keuzestress hebben, dan kan ik me zelfs nog aanmelden bij SILL, dat nieuwsberichten van zowel Bluesky als Mastodon voor me in één overzicht (feed) combineert.

Netwerkeffect

Ik ben enthousiast, maar het mag natuurlijk nog wel wat gezelliger en drukker. Een groot probleem is het netwerkeffect van sociale media: iedereen blijft hangen bij de bestaande platformen, ook al weten mensen dat die niet goed voor ze zijn. ‘Zelfs’ Waag zit nog op Instagram (van Meta) en LinkedIn (van Microsoft). “We zitten er wel, maar niet van harte”, aldus Van der Waal. “We willen toch ook bereik hebben om mensen te kunnen overtuigen om over te stappen. Wij kunnen niet in ons eentje een platform groot maken.” Ter vergelijking: Facebook, het grootste platform, heeft 3 miljard gebruikers, Bluesky 40 miljoen en Mastodon 10 miljoen.

Waag is wel bezig met het project Public Nodes om nieuwsorganisaties zover te krijgen om over te stappen. Het is een kip-en-eiprobleem, zegt Van der Waal. “Mensen proberen die alternatieven wel, maar zeggen: er is niet zoveel te zien, dus dan gaan ze weer weg. En de partijen die iets te brengen hebben, zoals nieuwsorganisaties, zien dat er weinig mensen zitten, en zetten die stap dan ook niet. Om dat te doorbreken hopen we dat organisaties zich eraan gaan committeren, want zij willen zelf ook wel hun afhankelijkheid verlagen van die platformen. Naast nieuwsorganisaties willen we dat ook met culturele organisaties afspreken. Zodat er weer iets leuks te zien is.”

Twee ecosystemen

Hoe zit het nou precies? De Fediverse is het technische ecosysteem waarop het Twitter/X-alternatief Mastodon draait. Het maakt gebruik van het open protocol Activity Pub. Een open protocol betekent dat iedereen met een goed idee een app kan maken die in dit ‘universum’ actief is. Bluesky is het Twitter/X-alternatief dat gebruikmaakt van het AT-Proto-protocol, dat eveneens opensource is. 

Andere verschillen: de tijdlijn van Mastodon is uit principe niet algoritmisch, dat van Bluesky wel (maar er is een niet-algoritmische variant). Bij de Fediverse heb je voor elke dienst een eigen account nodig, terwijl je bij Bluesky met één account bij alle diensten terechtkan. 

Fediverse heeft ook een alternatief voor YouTube (PeerTube), Instagram (PixelFed) en TikTok (Loops). BlueSky biedt alternatieven voor Instagram (Flashes of Pinksky) en TikTok (Spark).