Iedereen was er als de kippen bij om zijn data op te slaan in een Amerikaanse cloud, maar het besef daalt in dat dit strategisch gezien niet zo handig is. Een cloud met meer zeggenschap is mogelijk.
Wat was iedereen toch blij toen ‘de cloud’ zo’n vijftien jaar geleden beschikbaar kwam. Bestanden die je daarin opslaat, staan niet op je eigen harde schijf of op een server vlakbij, maar in een groot datacentrum, elders in het land of in het buitenland. Het grote voordeel is dat je makkelijker tegelijkertijd samen in bestanden kunt werken, zonder dat verschillende versies nodig zijn. Ook kun je bijvoorbeeld vanuit huis aan die bestanden werken en kun je live in iemands agenda kijken of diegene beschikbaar is. Veel organisaties stonden dan ook te trappelen toen ze jaren geleden konden overstappen op Google Workspace of Microsoft 365, twee van de bekendste leveranciers van clouddiensten. De cloud maakt samenwerken makkelijker, en organisaties zagen het als een kans om het eigen IT-beheer uit te besteden. Ze hoefden nu geen rekencentra meer on premise, op het eigen terrein, te hebben en te onderhouden.
Een van de weinigen die niet stonden te juichen, was Bart Jacobs, hoogleraar cybersecurity aan de Radboud Universiteit Nijmegen. ‘Je maakt je als universiteit volledig afhankelijk van een Amerikaanse softwaregigant’, zei Jacobs in 2010 tegen universiteitskrant Vox. ‘Je komt nooit meer van Microsoft af, en dat geeft de universiteit in de toekomst een slechte onderhandelingspositie als er dingen aangepast moeten worden.’ Jacobs noemde de overstap zelfs illegaal, omdat Microsoft 365 niet aan Europese privacywetten voldoet. In het kader van de Cloud Act kunnen de Verenigde Staten data van de klanten van Amerikaanse bedrijven opvragen, dus ook van Microsoft.
Het was destijds aan dovemansoren gericht. Vanuit praktisch perspectief snapt Jacobs dat ook. “De Amerikaanse bedrijven bieden gewoon nuttige diensten tegen een redelijke prijs. Alles bij elkaar in één pakket.” Microsoft 365 is namelijk niet alleen documentsamenwerking, maar biedt ook hosting (in datacentra) en kantoorsoftware, zoals mailen, tekstverwerken en videobellen. Jacobs verwijt Nederlandse organisaties “lamzakkerigheid” en gebrek aan strategisch besef. Zelf is hij nooit meegegaan in de Amerikaanse cloud. “Ik gebruik alleen Microsoft als de universiteit mij daartoe dwingt.” Hij heeft een computer die op het opensource besturingssysteem Linux draait, gebruikt Thunderbird als mailprogramma en OpenOffice als kantoorsoftware.
Vier verschillen
In hetzelfde jaar dat Microsoft 365 van start ging, in 2010, begon de Duitse Frank Karlitschek met het bedrijf ownCloud. Zes jaar later ging hij, na een meningsverschil met het management, verder met het project onder de naam Nextcloud. Ook dat biedt samenwerking aan bestanden en een hele trits aan kantoorsoftware, maar met vier grote verschillen ten opzichte van Google of Microsoft. Ten eerste is Nextcloud opensource, waardoor de broncode door iedereen is te bekijken en te bewerken. Een grote gemeenschap werkt aan het project en zij kunnen ook in de gaten houden of er geen gekke dingen gebeuren (denk aan bugs, maar ook veiligheidsrisico’s). Ten tweede is Nextcloud gebaseerd op open standaarden. Daardoor kunnen gebruikers samen aan bestanden werken, ook als ze verschillende systemen gebruiken. Vergelijk het met e-mail, dat is ook gebaseerd op een open protocol waardoor je naadloos vanuit Outlook naar een G-mailadres kan mailen. Ten derde is Nextcloud niet één product, maar een ecosysteem, waarop andere partijen programma’s kunnen bouwen of kunnen laten aansluiten. Zo zijn er verschillende programma’s voor bijvoorbeeld mail of kantoorsoftware die je in combinatie met Nextcloud kunt installeren.
Ten slotte biedt Nextcloud uit principe geen hosting aan. “Wij zijn een softwarebedrijf”, licht Jos Poortvliet, medeoprichter en directeur communicatie van Nextcloud, toe. “Juist die combinatie van software en hardware die de Amerikaanse partijen bieden, maakt de vendor lock-in zo sterk.” Het is nu heel moeilijk om van Google naar Microsoft over te stappen, of andersom, omdat de systemen niet op elkaar aansluiten. Dat heeft vooral met het gebrek aan open standaarden te maken. “Metadata, zoals versienummers van documenten, auteursinformatie, commentaar en veiligheidslabels, maar ook chatberichten en takenoverzichten kun je meestal niet zomaar overzetten. Bij een migratie moet je ontzettend veel handmatig werk doen, en vaak verlies je ook heel veel data.” Door te werken met open bestandsformaten kun je al je data makkelijk overzetten naar een andere hostingpartij. In Nederland kun je bijvoorbeeld kiezen uit The Good Cloud en KPN. Ben je niet tevreden over KPN, dan verhuis je vrij eenvoudig al je data naar een andere hostingpartij.
Praktisch probleem
Nextcloud was nooit bekend bij het grote publiek, maar veranderde vorig jaar toen Trump aan de macht kwam en hij duidelijk maakte geen vriendjes meer met Europa te willen zijn. Poortvliet: “Meneer Trump is flink reclame aan het maken voor digitaal soevereine oplossingen. Sindsdien is ons klantenbestand verschoven. Voorheen waren overheden een kwart van onze klanten, nu gaat dat richting de 50 procent.” Het aantreden van Trump heeft enorm geholpen, zegt ook Jacobs. “Het besef is nu wel doorgedrongen dat strategische afhankelijkheid ons kwetsbaar maakt.”

Dertig onderwijsinstellingen in Nederland proberen Nextcloud uit.
MagnificOok bij SURF, de ICT-organisatie voor het onderwijs, dringt dat door. Al sinds 2014 draait de zogeheten SURFdrive voor bestandsopslag, met inmiddels 80.000 gebruikers, op Nextcloud. Na interne pilots is het sinds begin dit jaar mogelijk voor instellingen (denk aan mbo’s, hbo’s en universiteiten) om met de volledige Nextcloud-suite te experimenteren. Ruim dertig instellingen doen mee. In de praktijk betekent het wel dat er twee systemen naast elkaar bestaan, en dat maakt het niet eenvoudig. “Je zet een open systeem naast een gesloten systeem”, vertelt Wladimir Mufty, programmamanager digitale soevereiniteit bij SURF. “Dat open systeem wil wel met het gesloten systeem praten, maar die relatie is niet wederzijds. De liefde komt maar van één kant.” Een praktisch probleem dat SURF momenteel heeft, is dat het niet mogelijk is om mail- en agendafuncties van Nextcloud aan die van Microsoft te koppelen. Claudia van Kruistum, projectleider Nextcloud bij SURF, vertelt erover: “We zijn al een paar maanden bezig om dit voor elkaar te krijgen. Het komt vooral doordat Microsoft eigen standaarden hanteert.” Een volledige overstap kost daarom veel tijd. Volgens Poortvliet moeten grote organisaties er zo’n twee jaar voor uittrekken.
Kip-eiverhaal
Tijdens het videogesprek, via de Talk-applicatie van Nextcloud, valt het toetsenbordgeluid van een van de deelnemers wel erg op. Mufty: “Dit laat goed zien dat het nog niet perfect is, want Nextcloud is geen miljardenbedrijf dat dat even oplost. Maar we moeten stoppen om te zeggen dat het nog niet goed genoeg is, want dat wordt het niet uit zichzelf. Het is een kip-eiverhaal. Hoe meer mensen het gebruiken en hun aanpassingen via de Nextcloud-community publiekelijk beschikbaar stellen, hoe beter het wordt.” Uiteindelijk, denkt Mufty, kan het misschien zelfs beter worden dan Microsoft. “Ik denk dat het veel cooler gaat worden. Via Nextcloud kunnen we veel beter over de grenzen van instellingen samenwerken, bijvoorbeeld aan een vaccin, of andere rocket science. Ook internationaal en ook met het bedrijfsleven. Instellingen krijgen straks niet meer Copilot (Microsofts AI-assistent, red.) door de strot geduwd, maar een AI-assistent waar ze wel grip op hebben. Voor veel onderzoekers is dat cruciaal – denk aan pedagogen die interviews doen met kinderen. Met een betrouwbare AI kunnen ze bijvoorbeeld de transcripties van die interviews door AI laten uitschrijven. Dat kan alleen in een heel vertrouwde omgeving.”
Naast Nextcloud zijn er overigens ook nog andere Europese, opensource alternatieven voor digitale samenwerking in de maak, zoals het Franse La Suite en het eveneens Duitse openDesk. Ook heeft Nextcloud onlangs, samen met partners, Euro-Office gelanceerd, een Europees alternatief voor kantoorsoftware (zoals tekstverwerken en spreadsheets). Nextcloud werkte veel met OnlyOffice, maar vanwege de Russische eigenaren en beperkte openheid is besloten een nieuwe weg in te slaan (tot onvrede van OnlyOffice). Partijen uit onder meer Duitsland, Frankrijk, Nederland, Spanje en Zwitserland werken samen aan Euro-Office. Poortvliet: “We sponsoren nu met vele miljarden per jaar de privévliegtuigen en -boten van de miljardairs en de hoge salarissen van hun personeel in Silicon Valley, terwijl we dat geld ook in onze eigen economie zouden kunnen stoppen.”
Vrij werken
Steeds meer organisaties proberen hun afhankelijkheid van Big Tech te verkleinen. Hoe verloopt die zoektocht naar een cloud met meer zeggenschap?

