Naar de content

Nepaccounts op socials beïnvloeden verkiezingen

Vind ik (niet) leuk: manipulatie

Sophia Twigt voor NEMO Kennislink

Vijandelijke actoren gebruiken social media om onrust te zaaien in de Europese politiek en democratie. Via online campagnes proberen ze het democratisch proces te manipuleren.

24 juni 2026

Het Roemeens constitutioneel hof besloot eind 2024 dat de presidentsverkiezingen opnieuw moesten, na onthullingen over Russische bemoeienis via een TikTok-campagne, die de pro-Russische kandidaat Calin Georgescu de wind in de zeilen zou hebben gegeven. Georgescu werd uitgesloten van de verkiezingen. Een beslissing die wereldnieuws werd.

De poging tot beïnvloeding tijdens de Roemeense verkiezingen staat niet op zich, vertelt Luuk Ex. Namens het Rathenau Instituut deed hij onderzoek naar bestaande rapporten en academische literatuur over beïnvloeding door statelijke actoren. De onderzoeker noemt Rusland, Iran en China de usual suspects, die met enige regelmaat de publieke opinie in Europa proberen te beïnvloeden. “Al is bij buitenlandse beïnvloeding niet altijd makkelijk te achterhalen welke staten er precies achter zitten.”

Nepaccounts

Een veelgebruikte methode op social media is het aanmaken van nepaccounts, die zich voordoen als echte inwoners van een land. De accounts mengen zich in discussies op platforms als Facebook en X en proberen zich voor te doen als activisten of betrokken burgers. Ex legt uit dat dit soort operaties moeilijk zijn op te zetten, omdat ze langdurig moeten worden volgehouden, en vereisen dat de betrokkenen de taal en lokale context goed begrijpen en zich moeten inwerken in bestaande netwerken. “Pas daarna kunnen ze effectief berichten verspreiden en invloed uitoefenen. Met name Rusland voerde zulke campagnes, waarbij accounts diep infiltreerden in online gemeenschappen.”

Ook in Nederland zijn voorbeelden van beïnvloeding. Rond de Tweede Kamerverkiezingen van 2025 beschreef RTL Nieuws een netwerk van ongeveer 550 nepaccounts die zich voordeden als Nederlanders en actief waren op X, Facebook en Instagram. Deze accounts mengden zich in politieke discussies en verspreidden berichten die bijvoorbeeld twijfel zaaiden over het verkiezingsproces. “Er waren aanwijzingen dat de accounts werden beheerd vanuit landen als Ghana en Nigeria, mogelijk door mensen die werkten voor Russische organisaties, iets wat ook eerdere onderzoeken vaststelden.” CNN vond in het verleden op reportage een voormalige trollenfabriek in Ghana (in werkelijk een ommuurd huis in een afgelegen wijk) en sprak met een Ghanese werknemer die als ‘Russische trol’ werkte.

Een stemformulier met daarop een rood potlood

Een stembiljet voor de Tweede Kamerverkiezingen.

iStock

Menselijke trollen krijgen tegenwoordig concurrentie uit onverwachte hoek, namelijk van AI-trollen. Ex vertelt dat het gaat om bots die automatisch berichten kunnen genereren, doordat AI-taalmodellen het makkelijker maken om geloofwaardige teksten te schrijven. “Uit analyses van nepaccounts blijkt dat zij zich bewust mengen in discussies waar veel debat over is en dat zij content verspreiden die inspeelt op bestaande spanningen, zoals twijfel over verkiezingsfraude.”

Terugkerend fenomeen

Maria Voltsichina is een Griekse onderzoeksjournalist en wetenschapper aan de Universiteit Leiden. Met collega’s van het onderzoeksplatform Debunk bestudeerde ze, vooral tijdens Europese verkiezingen, accounts en hun inhoud op social media. Beïnvloeding door vijandelijke staten ziet ze als ‘een terugkerend fenomeen dat bij meerdere verkiezingen voorkomt’. “Mijn collega’s en ik monitoren social media en denken: daar gaan we weer. Het komt echt vaak voor.”

Met haar collega’s stuitte ze op een geraffineerde Russische campagne: Doppelgänger (dubbelganger). Die begon rond het begin van de oorlog in Oekraïne. Via social media mengden pro-Russische accounts zich in discussies. De accounts deelden links die naar nieuwsberichten van (ogenschijnlijk) legitieme westerse media doorverwezen. De inhoud van de nieuwsberichten was pro-Russisch. Het waren alleen niet de échte nieuwswebsites, maar vrijwel exacte kopieën. “Ze stelen de opmaak en gebruiken ook domein-spoofing: in plaats van guardian.co.uk gebruiken ze bijvoorbeeld guardian.com. De website lijkt heel realistisch; alle links op de dubbelgangersite leiden naar de echte website van een nieuwsmedium. Het enige verschil is de inhoud van het artikel.”

Ze legt uit dat het gaat om ‘klassieke pro-Russische inhoud’. Die heeft als doel steun te geven aan bepaalde Rusland-gezinde politieke partijen, Europa te ondermijnen en Oekraïne te beschadigen. Doppelgänger richtte zich vooral op Duitsland, vertelt Voltsichina. Daarnaast waren ook Frankrijk, de Verenigde Staten, Oekraïne, Israël, Polen, Italië, het Verenigd Koninkrijk, Letland, Litouwen, Zwitserland, Slowakije en Moldavië doelwit. Nederland werd niet of nauwelijks getroffen. “Ik denk omdat in Nederland de opbrengst van zulke operaties niet zo hoog is. Nederland is geen heel grote speler en de verkiezingen zijn goed gereguleerd tegen buitenlandse inmenging.”

Voltsichina deed met haar collega’s ook onderzoek naar het Sprinter Netwerk, een complex netwerk van nepaccounts, dat pro-Russische informatie verspreidt. “De betrokken accounts bleken vaak in handen van Wit-Russische nationale actoren of Russische botfarms. Het lijkt een samenwerking tussen twee landen.” Anders dan bij Doppelgänger speelt bij het Sprinter Netwerk AI een grote rol, legt ze uit. AI wordt vooral gebruikt voor contentcreatie. “We haalden honderd teksten door AI-detectors. Ongeveer zestig procent werd als AI-gegenereerd herkend.”

Weerbaar

Het aanpakken van zulke vijandige accounts zal altijd iets weghebben van een kat-en-muisspel, denkt Ex van het Rathenau Instituut. Toch vindt hij dat er meer gedaan kan worden om de vijand te tackelen. Zo kan het ontwerp van platforms worden aangepast, door bijvoorbeeld nieuwe of lange tijd inactieve accounts minder bereik te geven, omdat juist dit type accounts vaak wordt gebruikt. Ook kan de positie van onderzoekers, zoals hijzelf, worden versterkt. “Binnen de Europese Unie biedt de DSA, de Digital Services Act, mogelijkheden om onderzoekers meer toegang tot data te geven, maar in de praktijk blijkt dit nog lastig. Platforms beroepen zich op privacy en bedrijfsgeheimen, en onderzoekers moeten vaak vooraf aangeven welke data ze nodig hebben, terwijl ze nauwelijks weten welke data beschikbaar is.”

Het is moeilijk om het te herkennen, want de content overtreedt geen regels

Ex benadrukt dat inmengingscampagnes niet altijd opvallend of opruiend zijn. Ze kunnen bestaan uit ogenschijnlijk legitieme berichten, zoals subtiele steunbetuigingen aan politieke partijen of standpunten over thema’s als migratie of klimaat. Een vorm van agendasetting, waarbij bepaalde onderwerpen of perspectieven bewust groter worden gemaakt, zonder dat dit direct als manipulatie herkenbaar is.De content overtreedt geen regels en valt minder op, maar kan wel een grotere zichtbaarheid krijgen. Het laat zien hoe moeilijk het is om een campagne te herkennen.”

Doordat er zoveel verschillen in schaal, geraffineerdheid en zichtbaarheid zijn, is het belangrijk dat we de samenleving weerbaar maken, denkt Ex. Dat kan door te investeren in onafhankelijke journalistiek, ngo’s en onderzoeksinstellingen. Ook moeten we individuele burgers, bijvoorbeeld via onderwijs, mediawijs maken en beter leren omgaan met online informatie. “De vijandelijke campagnes kunnen we nooit stoppen; op de weerbaarheid van burgers hebben we wel invloed.”