Social media zijn gebouwd met moderne technologie, maar kunnen verslavend zijn doordat ze appelleren aan ons oerbrein. Waarom scrollen we eindeloos langs katten- en voetbalfilmpjes?
Een jury in de Amerikaanse stad Los Angeles heeft Meta (Instagram) en Google (YouTube) aansprakelijk gesteld voor de socialemediaverslaving van een vrouw. De jury vindt dat de bedrijven drie miljoen dollar aan schadevergoeding moeten betalen. De rechtszaak wordt als baanbrekend gezien: het opent mogelijk de weg voor veel meer rechtszaken. De jury oordeelde onder meer dat met opzet sprake was van een verslavend ontwerp. Google gaat in ieder geval in hoger beroep.
Regina van den Eijnden van de Universiteit Utrecht is gespecialiseerd in socialmediaverslavingen. Hoewel we tegenwoordig in grote, complexe, hoogtechnologische en tamelijk geïndividualiseerde maatschappijen leven, zijn socialmediaverslavingen volgens haar terug te voeren op het feit dat we duizenden jaren terug als kuddedieren in kleine groepen over de savanne liepen. “Evolutionair gezien zijn we sociale dieren en hebben we anderen nodig voor bescherming en voortplanting. Dat verklaart het succes van platforms: we noemen ze niet voor niets ‘sociale’ media. Ze spelen handig in op evolutionaire mechanismen.”
Basisbehoeften
Om te begrijpen hoe een verslaving kan ontstaan, is het volgens Van den Eijnden belangrijk om de aantrekkelijkheid van socials te doorgronden. Ze legt uit dat alle mensen drie psychologische basisbehoeften hebben: behoefte aan competentie (je bekwaam voelen), behoefte aan verbondenheid (erbij horen, sociale verbinding) en behoefte aan autonomie (vrijheid en beslissingsruimte).
De behoefte aan verbondenheid is basaal menselijk en evolutionair verklaarbaar: alleen overleef je moeilijker en het is onmogelijk om je voort te planten. “Sociale media spelen sterk in op die behoefte aan verbinding. Je krijgt informatie over anderen, over hoe anderen jou zien en hoe je binnen de groep ligt. Zo bepalen we onze sociale positie.”
Autonomie speelt ook een rol. Mensen willen zelf dingen creëren en posten, hun identiteit presenteren, en laten zien dat het goed gaat. De behoefte aan competentie is te vervullen door posts (bijvoorbeeld op LinkedIn) en het checken van het aantal volgers en likes. De mate van competentie heeft invloed op je status. Een hogere status betekent evolutionair voordeel. “Het verwijst naar overlevingsmechanismen, zoals meer toegang tot voedsel, meer bescherming en een grotere kans op voortplanting.”
Paard en ruiter
Van den Eijnden gebruikt een paard en een ruiter als metafoor om het proces van verslaafd raken beter te begrijpen. Het paard is het emotionele brein, dat impulsen en beloningen volgt. De ruiter is het rationele brein, dat moet sturen en controleren. Bij een verslavingsproces zoekt en vindt je brein steeds beloning, waardoor het gedrag wordt versterkt en geautomatiseerd. Daardoor verliest het rationele brein steeds meer de controle en het paard neemt de boel over. “En dan krijg je brokken.”
Dat beloningssysteem van de hersenen speelt een belangrijke rol bij verslaving. Mensen ervaren eten, seks en zonlicht als belonend. “Dat heeft een evolutionaire functie: we eten om te overleven, gebruiken zonlicht om vitamine D aan te maken, en hebben seks nodig voor voortplanting.” Social media belonen je hersenen op een vergelijkbare manier, legt Van den Eijnden uit. Ze sluiten aan bij basale behoeften die we hebben, zoals de behoefte om gezien te worden, erbij te horen, en persoonlijke interesses te delen. Maar het kan ook zijn dat je social media erbij pakt, omdat je je verveelt of met iets lastigs bezig bent. Het leidt af van iets vervelends en een leuk filmpje geeft je een goed gevoel. “Bij een moeilijke klus kan je chocola gaan eten, maar ook je telefoon pakken, zodat je even verlost bent van die moeilijke taak.”
Zelfcontrole
Niet iedereen valt ten prooi aan een socialmediaverslaving; de gevoeligheid verschilt sterk per persoon. Sommige mensen hebben simpelweg meer zelfcontrole. “Uit onderzoek weten we dat mensen die impulsiever zijn of aandachtsproblemen hebben, meer moeite hebben hun socialmediagebruik te reguleren”, aldus de Utrechtse wetenschapper. “Vaak is er ook een overlap en zijn mensen die door hun genen sowieso al verslavingsgevoelig zijn, bijvoorbeeld voor alcohol, dat ook voor social media.”
Kwetsbare mensen zijn soms gevoeliger voor een socialmediaverslaving. Wanneer je bijvoorbeeld kampt met somberheid, sociale angst of onzekerheid, kunnen social media tijdelijk helpen. Het is dan een copingmechanisme, een middel om te dealen met emoties. “Socials leiden af van negatieve gevoelens, verminderen verveling of bevestigen dat je vrienden hebt. Bij iemand met een sterke behoefte aan sociale bevestiging, wordt de kans groter dat die blijft hangen in het gebruik.”

Mensen die door hun genen verslavingsgevoelig zijn, bijvoorbeeld voor roken, zijn dat ook voor social media.
FreepikHet probleem bij verslavingen is dat het schadelijke gedrag na verloop van tijd een gewoonte wordt, gaat Van den Eijnden verder. Dat gebeurt onbewust: je checkt eindeloos je telefoon zonder erbij na te denken. “Als gewoontegedrag sterk wordt, gaat het een eigen leven leiden. Bij verslaving wordt gedrag zo geautomatiseerd dat je de beloning niet eens meer ervaart. Het gedrag wordt in stand gehouden door conditionering.”
Jongeren
Van den Eijnden is gespecialiseerd in socialmediaverslavingen van jongeren, die daarvoor gevoeliger zijn dan volwassenen. Daar zijn drie belangrijke redenen voor. In de beginnende adolescentie moeten jongeren hun sociale identiteit nog ontwikkelen. Ze hebben nog weinig beeld van hoe ze gezien worden en wat hun positie in de groep is. “Daardoor zijn ze heel alert op informatie over hun sociale status.” Daarnaast reageert het brein sterker op beloning. “Er wordt meer van het gelukshormoon dopamine aangemaakt als ze een beloning krijgen of een beloning verwachten. Dit neemt af in de late adolescentie.”
Daarnaast is het rationele brein minder ontwikkeld. De prefrontale cortex, een hersendeel dat onder meer verantwoordelijk is voor het inschatten van risico’s, ontwikkelt zich tot ongeveer het 25e levensjaar. Daardoor hebben jongeren meer last van impulsiviteit en aandachtsproblemen. Met de ontwikkeling van de prefrontale cortex neemt de zelfcontrole toe: de concentratie op een taak wordt beter, gedrag wordt minder impulsief en de focus komt op beloning op de lange dan de korte termijn. “Het is daarom aannemelijk dat mensen, als ze volwassen worden, ook minder verslaafd raken – al geldt dat niet voor iedereen.”
Vind ik (niet) leuk
Sociale media zijn bijna niet meer weg te denken uit ons leven. Ze brengen ons goede dingen, maar brengen ook ingewikkelde dilemma’s met zich mee. Hoe moeten we omgaan met de socials?

